23-10-14

Het onverwachte antwoord

 


Hoe ik wacht.
Niet op Godot. Of God.
Beide heren ken in niet.

Maar op het onverwachte.
Van een oogopslag.
Een vlinder op een vitrine.

Een uitzicht
op buiten. Een inzicht.
Naar binnen.

Hoe ik een nest
van woorden bouw.
Omdat een huismus niet anders kan.

Trekvogels rusten amper.
Zij schrijven in de lucht.
Zwaluwen zitten altijd klaar.

Om te vertrekken.

 

 

 

 

PS.
'Het onverwachte antwoord' van Patricia de Martelaere.
De titel alleen al laat mij houden van dit boek.
Onlangs nog zag ik haar minzame Prof op de bus.
Wat is hij oud geworden. Haar aimabele minnaar.

Hoewel ik haar maar één keer gezien heb in mijn leven,
vergeet ik haar niet: oktober 1994. Wellicht vandaag,
het was een zondag toen, twintig jaar geleden.

Ik wil niet getroost worden in dit gemis.
Maar wel koester ik 'Een verlangen naar ontroostbaarheid'.
Zoals zij schreef.

Sommige mensen laten een levenslang verlangen na.
Een erfenis aan weemoed.

 

 223.638

 

04-06-13

De erudiete kiekendief

 

 


En dan zou ik boos
naar de minzame en beschroomde professor
willen stappen en schreeuwen:

Besef jij wel man, dat jij van haar
het schoonste standbeeld van de wereld hebt gekregen?!
En dat je het zelfs hebt willen vernietigen nog voor het er stond.

Lafaard, zou ik roepen,
tegen de schuchtere heer, je hebt haar opgepeuzeld
als een ordinaire kiekendief. En haar gebeente achter gelaten.

En alsof dàt nog niet genoeg was
heb je haar ondergescheten als de duiven
Elsschot nabij het Elzenhof in A'.

Jij, rancuneuze minnaar, jij hebt haar vergeten.
O, niet in je oud eminent lijf, emeritus,
maar in de geschiedenis van de literatuur.

Terwijl je maar al te best wist dat ze daarin
wilde begraven worden.
En niet in een godvergeten tombe in Vlaams-Brabant.

O, wat zou ik hem nu willen verwensen. En vervloeken.
Schijnheiligaard, die ik ben.
Want in de Delhaize zal ik hem weer hoffelijk groeten.

En gecharmeerd zijn door zijn schroomvolle glimlach.

 

 


PS.
Ik lees opgewonden verder, zoals je kan vaststellen.

 

 

 

Le futur simple

 


To be in love is to have a future tense.

George Steiner

 

 

Ieder passage die ik uit het boek citeer
is een flauw afgietsel van het geheel.
De zon die je met een gele vlek
op papier tracht vast te leggen, blijft een vlek.

Maar weet dat Patricia, Picasso is.
Die met een gele vlek de zon op het doek legt.
Heviger dan het origineel.
Ik ben verblind. Als zij me schildert.

 


Jij bent weer zo iemand, iemand die het liefst van al
zou willen verleid worden. Niets hoeven te doen, geen enkel risico
hoeven te lopen. En het allerliefste zou je willen:
verleid te worden, en dan nee te zeggen, zodat je alles
zou kunnen hebben, in je verbeelding,
zonder in werkelijkheid iets op het spel te moeten zetten.

Uit 'Het onverwachte antwoord' - pag. 161 - Patricia de Martelaere.

 


Mijn buurman, de schrijver, wordt geminnestreeld door zijn geliefde.
Dinsdag is hun dag van de liefde.
Le désir. L'amour. Le rendez-vous.
Op het balkon, in de zon, kirren ze als een koppel duiven.

Zo dadelijk zullen ze naar binnen gaan.
Weg van de ogen. Eén etage hoger.
Op het strand van hun verlangen. Zullen ze golven.

Mijn geheime duivinne stuurt mij sms-jes.
Ze ruiken naar de zee.

 

 

 169.684

03-06-13

Een Luikse metafoor

 

 

 

Denk jij, vraagt hij, dat een taal over zichzelf kan gaan?
Hij heeft er een hele middag voor uitgetrokken, speciaal voor deze kwestie.
Linguïsten houden er congressen over, filosofen en logici zitten er mee verveeld:
het probleem van de zelfreferentie. De kwestie is: kan een taal ooit
over iets anders gaan dan over zichzelf? Kan God naar zichzelf verwijzen? Kan ik dat?

Uit 'Het onverwachte antwoord' - pag. 150 - Patricia de Martelaere

...

Ik bijt in de zee.
Die zoete metafoor.
Een warme Luikse wafel
en een lief op het strand.

Dat is de zee. Ik luister naar haar taal.

Zij golft over mijn land.
Queen for tonight.
Ik ben een kikker die kust
en prins wordt.

De deinende kust. Die eeuwig rusteloze.

Een kind, een puber,
een man.
En een meisje dat vrouw wordt.
Wie niet weg is, is gezien.

En blijft een muurbloempje.

Om de zee te troosten.
Die troosteloos wordt
van al dat sleffende volk.
En die bakken gebruinde lijven.

De beklemming van dijken. Haar getroubleerd zicht.

 

 

 

 

 


PS.
Ooit was de zee ver weg. En bijna van niemand.
Vakantie. Het was nieuws in een dorp.

Ik herlees PdM al minstens voor de tweede keer.
Las eerder Didion, Barnes, Mortier, Verhulst (tegenvaller)
en de laatste Dewulf.

Ik kies voor haar. Mijn dode filosofe.
Hoop nog lang te leven. Elke zin van haar mag me vergezellen.
Er hoeft geen antwoord te komen.

 

 

http://www.youtube.com/watch?v=T_PJKGEDRBQ

 

 

 

 

05-03-13

Le soupir d'une veuve

 


Als ik dood ben,zei G., zal ik aan je denken.
Hoe denk je dat te doen? vroeg Clara. Er is geen geest
buiten de hersenen.

Je staat in mijn hersenen, zei G. Ze kunnen je decoderen,
ze zullen het zien.

Uit 'Het onverwachte antwoord' - pag. 49 - Patricia de Martelaere.

...

Ik decodeer haar in de straten van m'n stad.
Hoe wij op een arduinen bank zaten,
onder de gewelven van een bib. En scholen
voor de regen en de mensen.

Alles was nieuw. Ook de pleinen.
En hoe wij keken. Naar mekaar.
Of naar het leven. Wij hielden mekaar vast.
Maar dan zonder handen.

Zovele eerste keren. Toen ik gevlucht was.
Ondergedoken op een studio. Drie solitaire maanden.
En zij mijn lenige liefde werd. Op een zachte zomeravond.
Met witte rozen. Et le soupir érotique d'une veuve Clicquot.

En dat wij toen niet konden vermoeden hoelang weduwen blijven zuchten.

 

 

 

 

 


PS.
Dertien jaar al: een voortvluchtige liefde.
De gevangene van het verlangen. De asceet in het gemis.
Maar altijd wachtend ... als een vuurtoren.

Prozaïsche voetnota.
Ondertussen werd de 'veuve' vervangen door een 'cava'.
Zes keer plezier voor eenzelfde investering.

Opnieuw begonnen aan zowel 'Als je weg bent' als 'Het onverwachte antwoord'.

 


160.270

08-02-13

Het onverwachte verlangen

 


'Hoeveel leven heb ik gemist, vroeg hij zich af,
gewoon door niet te kijken? Of door te kijken maar niet te zien?
Gisteren had hij in zijn eentje
een wandeling over het eiland Murano gemaakt en
na een uur had hij nog niets gezien, niets opgemerkt.
Er waren geen beelden van zijn retina naar zijn cortex overgebracht.'

Uit 'Nietzsches tranen' - pag. 8 - Irvin D. Yalom

...

'Ik zie de vraag in je ogen',
zei de man achter de balie met twinkelende ogen.
'Stel ze maar meteen.'

Of ze 'Als je weg bent' van Marja Pruis
al in de winkel hadden. Helaas.
Dat wordt wachten. Tot toekomende week.

Ik werd er een beetje ongelukkig van.
Maar daar moeten we naar streven, volgens
Dirk De Wachter, psychiater.

Dit was echter een extra portie.
Want ik had het hele huis al afgezocht naar
'Het onverwachte antwoord' van Patricia De Martelaere.
Tevergeefs. En dus teleurgesteld.

Ik had niet meteen 'Een verlangen naar ontroostbaarheid'
hoewel dat een heerlijk boek is van haar.
En met een frêle signatuur in blauwe inkt van  de schrijfster - filosofe.

Nu had ik gehoopt aan haar biografie te beginnen.
Maar ik kwam thuis met 'Nietzsches tranen'.
Mijn boeken van vandaag lijken mij niet meteen gelukkig.

Wat zou de psychiater daar over denken?

 

 

 

PS.
Ik zag PdM voor het eerst in oktober 1994. Zj maakte meteen
een diepe indruk op mij.
Ben benieuwd naar haar bewogen leven. Hoe Marja Pruis dit notuleert.

PS. Ik las NT enkele jaren terug. En vond het geweldig. Nu gekocht voor 7,5 €.

 http://uvi.skynetblogs.be/apps/search/?s=patricia