03-10-17

herfst en nu en dan een vraag

Maakt u nog wel wandelingen door de stad?
"De rondjes zijn klein geworden, moet ik zeggen. We gaan geregeld naar het Stedelijk, hier om de hoek, om even iets te eten.
Heeft dat invloed op uw werk?
"Hoe bedoel je?"
Dat u nu minder buiten komt en minder inspiratie kunt opdoen?
"Daarvoor heb ik in mijn leven al genoeg rondgelopen. Mijn herinneringen zijn mijn goudmijn. Ik kan me vanuit mijn luie stoel bijvoorbeeld zo verplaatsen naar Frankrijk, waar we 35 jaar een huis hebben gehad.

Het is niet nodig grote afstanden af te leggen om ergens door geraakt te worden. Op elke hoek van de straat gebeurt wel iets. Of zelfs op elke stoeptegel."

"Wat me wel opvalt: een mens past zich altijd aan. Ik heb tegen deze periode, de ouderdom, behoorlijk opgezien. Nu het zover is, valt het me mee. Er zijn gebreken, maar die hinderen me niet in die mate dat ik niet meer kan genieten."

Uit : Het Parool - interview Remco Campert - Ronald Ockhuysen

                                                                   °°°

 

De zon zich zien losrukken uit de horizon. Dat is een luxe.
De herfst is mij welgezind. Maakt van mij een welstellende burger.
Er zijn mensen die de kans niet krijgen.

Omdat ze naar het werk moeten. Of naar school.
Omdat ze in te smalle straten wonen.
Of gewoon omdat ze het niet zien. Door zorgen of gewoonte.

Of gebrek aan talent. Ik heb veel geluk gehad.

Nog elke dag besef ik dat. In de badkamer.
Op de trappen. In de leefkamer.
Zeker in de keuken. Waar de koffie in mijn kopje druppelt. Ambachtelijk.

Misschien is de 'de tijd' waarin ik mocht leven,
nog het grootste geschenk voor mij geweest.

In de jaren vijftig opgegroeid. Ondergedompeld in een elitaire opvoeding.

En later in de jaren zestig, een werkplaats voor 'onhandigen',  als ik.

Hoofdarbeider.
Deze titel heb ik menig keer
moeten invullen op een ernstig formulier. Een hele eer toen.

In een tijd van apartheid. Witte boorden of vuile handen.

...

Elke mens blijft een raadsel. Jij en ik.
Misschien weet je het zelf nog niet.
Of is het voor je makkelijker
om het in de bolster te laten.

Hoewel de tijd rijp is.

Elke dag vallen de kastanjes uit de bomen.
Ze spatten uit hun stekelige  bescherming. Zomaar op de grond.

Ik bedoel, mag ik mijn raadsel zo vertalen:
waarom heeft iemand mij nodig?

Lees de vraag zoals ze daar staat,...

Ergens in de andere,
groot, middelmatig of minuscuul is er een
'leegte een soort tekort',
waarin ik of jij past...


In het hoofd van deze oude man, woont er zo'n vraag.
Ze heeft niets tekort.
Ik kan er gerust mee leven.

Met mezelf heb ik het moeilijker, nu en dan.

Maar het gaat wel...
Aanvaarding. Juist. Dàt is de methode.
Il est très simple ...


Mooie dinsdag nog, lezer'es.

 

 

PS.
Ergens is er een leegte, een tekort waarin ik pas.
Als dat niet meer zo is, dan ben je omgeven
door de leegte van eenzaamheid.

Niemand die je nog ziet. Achter het venster. In de straat. Op de bank.

Geen vraag meer waard.
De passanten zijn ikken.  Opgesloten in hun bubbel. Hun stekelige bolster.
Met een bordje op hun voorhoofd. 'Mijn gedachten niet storen'.

Zoals vroeger in het stadspark. 'Verboden het gras te betreden'.




331460

Post een commentaar