29-06-17

Achter de gordijnen...

"Raar toch”, jammerde de oud-minister. “En ik die dacht dat al die mensen mijn vrienden waren.” Die uitspraak bevreemdde mij. Hij had beter moeten weten. Het is prachtig vrienden te hebben. Maar echte vrienden, die je steunen door dik en dun? Zo heeft ieder mens er maximaal een handvol. Wie beweert er meer te hebben, heeft er waarschijnlijk geen enkele.

De jongste tijd denk ik vaak aan mijn oude kennis. Ik beleef mijn laatste weken als rector van de KU Leuven. Er komt een opvolger met geheel andere opvattingen. Je voelt hoe in vele kantoren een wat aparte sfeer hangt. Mensen passen zich aan. Sommigen blijven heel aardig, anderen duiken weg achter de gordijnen wanneer ze je ontwaren in de verte. Dat kan niemand hen kwalijk nemen, zolang ze de gordijnen niet beschadigen.

In plaats van ontgoocheling, zoals bij de oud-minister, is dankbaarheid op haar plaats. Bedank oprecht wie je niet trouw is maar het vroeger wel was. En wees diep dankbaar voor wie het altijd blijft. Koester dat geschenk.

Eigenlijk heeft alles te maken met hoe je naar mensen kijkt. Doorgaans zijn ze niet heel goed en niet heel slecht, doch valt er best mee te leven.

Maar nu ook weer niet met iedereen.

Uit HLN van vandaag - Rik Torfs

                                                             ...

 

Beste vriend,

zo zal ik nooit een brief beginnen.
Ik schrijf immers geen brieven meer.
En superlatieven kunnen enkel vallen.

What goes up, must come down.

De Trappen van Vergelijking, weet je wel.
Je struikelt vlugger dan je denkt.
Zeker op de sporten van een ladder.

Sedert Vriend een Telwoord werd op FB,
ben ik ze allemaal verloren.
Altijd bang geweest van getallen.

Daar kon ik niet tegen winnen.

 


PS.
Vriend. Is een woord als een mooie herinnering.
Gevuld met weemoed.
De jaren weten ondertussen dat alles verandert.

Gelukkig wordt een Retorica nooit ouder.
Ze verliest slechts haar korte broek.
Waarin wij droomden.

De ene verloor ze onderweg, een ander ontwaakte nooit.




321991

08:31 Gepost in Dagboek | Tags: rik torfs | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

27-06-17

over oude schuren en andere brandhaarden


Betty Wright is 98
maar weet nog goed wat ze wil. Toen medewerkers van het zorgcentrum waar de Britse oma verblijft haar vroegen wat dat ene ding was wat ze nog wou doen in haar leven, aarzelde de oma geen seconde: "Een stripshow met mannen bijwonen", was haar verrassende antwoord. De ondeugende dame kreeg haar zin en beleefde de tijd van haar leven.


Uit HLN van vandaag - En de Kwaliteit van deze Tijd.

 

Mijn bucketlist - 101 dingen die ik nog wil doen voordat het te laat is.
Heb jij al een eigen bucket list gemaakt? - Google -

                                                              ...

Neen, ik heb nog geen lijst opgemaakt.
En zal dus sterven zoals ik geleefd heb.
Zonder Mount Everest of Big Apple.

I want to wake up in a city that doesn't sleep
And find I'm king of the hill, top of the heap

Het is voorzeker een groot gemis. En mijn leven is mislukt.
Dat beaam ik graag.
Al mijn verdwazingen waren excentriek.

Vooral in nutteloze dingen. Zoals de liefde en de poëzie.

Ik moet dus dringend de tijd van mijn leven beleven.
Wordt het een bank in het Stadspark.
Of een boek om te herlezen.


Het wordt difficiel kiezen
tussen another rokjesdag,
een malse regenbui of wat koelte onder de hoge bomen.

Of liever nog één mooie zin. Die iemand kon bekoren.


PS.
"Een stripshow met mannen bijwonen".
Als dit je laatste wens is, dan vraag ik me af wat daaraan voorafging.

PS.
Ik ben écht niet (meer) van deze tijd. -En ben daar niet verdrietig om.-

 

321820

 

26-06-17

Brieven bestaan al voor ze geschreven worden



"De brief wilde niet geschreven worden, maar het gebeurde toch, een brief heeft niets te zeggen over zijn schepping.

Brieven leiden een ander leven dan mensen, ze bestaan al voor ze geschreven worden. Deze brief had bezwaar tegen zijn komende bestaan, omdat hij al wist dat er een pijnlijk antwoord zou komen.
(Brieven zitten vast aan hun antwoorden.)"

A. L. Snijders

                                                                       ...

 

Ik weet het niet zeker, maar ik geloof dat brieven ook gevoelig
zijn voor het ogenblik waarop ze geschreven worden.
Maar evenzeer aan het moment waarop ze gelezen worden.


Ze veranderen. Van inhoud. Onderweg.
Van hier naar ginder.Van winter tot zomer.
Van ochtend tot avond. Van vingers naar ogen.

Had ik deze brief deze ochtend geschreven.
Voor of na de douche. Voor of na het ontbijt.
Het zou telkens een andere brief geweest zijn.

"Brieven leiden een ander leven dan mensen, ...".


Dubito.
Ik vermoed dat brieven als mensen zijn.
Gelijk aan de schrijver. Maar verschillend van lezer tot lezer.

Brieven. Laat ons ze koesteren.
En laat ons ook voorzichtig wezen.
Met de antwoorden.

 

 

 

PS.
's Avonds ben ik een ander mens. Mijn dagboek ook.
Ik herken het nauwelijks.
Op dit uur dat de avond zacht wordt.

Tender is the night.

Maar als 'Het Uur van de Wolf' nadert
dan verscheurt hij het duister.
Dat ook in mij zit.


321736

25-06-17

de brief

De brief wilde niet geschreven worden, maar het gebeurde toch, een brief heeft niets te zeggen over zijn schepping. Het werd een liefdesbrief van een jongeman die het begeerde meisje ontmoet had in een hotel in Kloosterburen, waar zij als waddenloopster logeerde (en hij ook).
Brieven leiden een ander leven dan mensen, ze bestaan al voor ze geschreven worden. Deze brief had bezwaar tegen zijn komende bestaan, omdat hij al wist dat er een pijnlijk antwoord zou komen. (Brieven zitten vast aan hun antwoorden.)
De jongen en het meisje hadden bij hun eerste ontmoeting inderdaad een grote kans om een duurzaam liefdespaar te worden, maar het toeval zat ze in de weg. Zij was kort tevoren door een opmerking in het dagboek van Katherine Mansfield getroffen. (Ja, dat is het woord: getroffen.)

‘Wat ik nodig heb, is macht, rijkdom en vrijheid. Het is een hopeloos, smakeloos dogma dat liefde het enige is dat telt in de wereld, zoals vrouwen dat van generatie op generatie wordt ingestampt en ons gruwelijk belemmert.’

Deze woorden waren bij de waddenloopster ingeslagen (als een bom). Zij citeerde ze in haar antwoord aan de jongen die werkelijk indruk op haar had gemaakt en die ze juist daarom wilde ontlopen. Hij gaf niet op, hij bombardeerde haar met brieven. Zij zweeg, ze hield zich bij het dagboek van Katherine Mansfield.

Dagboek - A. L. Snijders schrijft elke week een (*) Zeer Kort Verhaal
Het weekblad van De Standaard - 24 juni 2017

                                                                       °°°


Dit Zeer Kort Verhaal ontroert me.
Bedroeft me zelfs.
Het eeuwige dilemma tussen

avoir et être.

Ik ga er geen uitleg bij verzinnen.
Lees maar.
Lees het tweemaal. Of nog meer.

Er staat wat er staat.


 

a. l. snijders
Stichting Bekeerling



PS.
In tegenstelling tot mijn gewoonte, heb ik dit korte verhaal integraal gekopieerd
uit De Standaard.
U zou het anders niet begrijpen, vrees ik.

Ik hoop dat De Standaard dit niet ziet als een diefstal, maar als een vorm van dankbare publiciteit.




321553

23-06-17

Klaprozen in de stad

Soms vind ik de wijdsheid van de IJslandse natuur beangstigend: ze is te groot, te oneindig en te gevaarlijk en de stilte is overweldigend, met name in de zomer, als het niet meer donker wordt. De natuur staat lijnrecht tegenover de besloten wereld van het boek: die is begrensd, georganiseerd, met een begin en een einde. Toch kunnen zowel boeken als de natuur het leven van een mens veranderen. Als je een boek uit hebt, vraag je je af: wat heb ik ervan opgestoken, hoeveel wijzer ben ik ervan geworden? In de natuur vind je antwoorden; in een grote stad nemen boekenwinkels de plaats van die natuur in.
...
Maar detectives schrijf ik niet, omdat ik geloof dat juist romans iets in het leven van de lezer teweeg kunnen brengen. Zodoende ga ik met Daan en Anne schol eten en terwijl we zitten te eten denk ik: sommige dingen moet een mens langzaam doen. Zoals eten, rouwen en liefhebben.

Vertaling: Kim Middel

Auður Ava Ólafsdóttir was een maand lang writer in residence in literatuurhuis Passa Porta in Brussel.

Uit De Standaard der Letteren - 23 juni 2017

 

Gisteren geteisterd door de hitte
hapte ik naar adem,
als een vis op het droge.

Ik klampte mij vast aan de weersvoorspellingen.
Morgen gebeurt er een wonder...
misschien.


In tijden van droogte
wordt regen nieuws.
Zoiets als vrede na oorlog.


Morgen is ondertussen vandaag geworden.
Dat heb je met tijd.
Die houdt zich nooit aan afspraken die hem trachten in te perken.

Chronos en Kairos.

Zou zeuren toegelaten zijn in deze hitte?
Als een zachte zalf van mededogen over het verlies aan woorden.
Het zwijgen van stijve vingers. Die knoken worden in de droogte.

Een oefening in het verliezen. Zoals Herman de Coninck voor de dood oefende.

Ach, schrijven of niet,
het is zoals dor gras.
Dat kleurt weer groen na de regen.

Zo ook groeien woorden weer in de koelte.

Maar  ooit komt er een dag dat we de Tijd niet meer kunnen bedriegen.
Zelfs niet door te vluchten naar Ispahaan.
Daar staat hij ons immers geduldig op te wachten. 

Als onze Laatste Vriend.


 

 

 

PS.
De koelte sproeit weer woorden. Druppels. Letters uit tikkende vingers.

321356

 

 

21-06-17

De wind komt uit het zuiden

 

 


Zoals hij streelt
over de toppen
van de hoge bomen

zoals hij fluistert
in de huizen
van de lente

zoals hij walst
over de vijver
met zijn gerimpelde tenen

zo wil ik

haar huid voelen
met haar dansen
in de ochtend

en de dauw uit haar ogen proeven
luisteren
naar haar golvende haren

en de zee zien.

 

01-05-12

 

 

 

PS.
Is dit de zin van zomer?
Achter gesloten gordijnen. Opgesloten.
En wachten tot het weer ochtend wordt.

Liever een bad dan een bed.
En maanlicht.
Ik blijf een koele minnaar van de zomer.

321191

 

20-06-17

Genadeloos in eigen naam

Hoewel ik jong ben en op de drempel sta van een geweldige carrière, maakte ik al veel moois mee. Kerkelijk recht doceren, is een zeldzaam voorrecht. Ik heb oud-studenten in de vijf werelddelen. Sommigen werden bisschop, ondanks mijn lessen. Laatst mocht ik met zo iemand in China gelakte eendenborst eten.

Veel geluk heb ik gehad. Ik mocht televisieprogramma’s maken, in het parlement zetelen, rector zijn van de KU Leuven.

Maar mijn allergrootste plezier is en blijft schrijven. Je bent helemaal alleen, zakt weg in een gemakkelijke canapé die je op termijn rugproblemen bezorgt, tokkelt ondertussen wat op een bereidwillige pc. Schrijven is werken, maar ook puur plezier.

Zeker schrijven voor ‘Het Laatste Nieuws’. Ik heb dat vroeger even gedaan. Enkele columns tijdens de Ronde van Frankrijk. Het waren misschien geen sterke stukken, maar de koers is spannend, de landschappen zijn prachtig, zodat iedereen je vergeeft of vergeet.

Schrijven voor ‘Het Laatste Nieuws’ is schrijven voor een grote krant die de vrijheid liefheeft. Waarin vele meningen staan, waarin het over alles gaat wat een mens beroert. Er is lucht en openheid. Daaraan is behoefte in sombere tijden.
...
Uit Column Rik Torfs - Genadeloos HLN -

rik torfs

                                                                    ...

Achter geblindeerde draperies, leef ik een heet en teruggetrokken bestaan.
Ondanks de terreur van de Tropen, toch de ochtend getrotseerd.
En naar buiten gesukkeld.

Op onze kleine Grote Markt
zat een frivool briesje samen met mij op de bank.
Het was nog genieten. Desondanks.


Maar ik was vooral onderweg, naar het Laatste Nieuws van Torfs.
Die resideert in onze bib. Op papier althans.

Helaas, de edities waarin hij etaleert, escaleert en pedaleert als een pennenridder, bleken eens te meer niet te vinden.

Bijgevolg liet ik me deze namiddag verleiden.
Door de Slechte Smaak. En een Proef-abonnement. Op 'de laatste nieuwsjes'.

1 Euro voor vier weken Torfs.

Pars pro toto.


Ik heb die verzameling papier nooit een krant genoemd.
Of in mijn handen geduld.
Want, volgens mijn hautaine mening: beneden alle niveau.

En dus toch gezondigd tegen mijn hoogmoed en vooroordelen.
Mij wacht nu de Straffe Gods.
Gelukkig enkel digitaal.

Ondertussen heb ik Torfs al genuttigd
als een Eerste Communiekant.
Voorzichtig en wat teleurgesteld.

Tot morgen. Als ik niet gesmolten ben.

 

 

 

 

PS.
Na zijn scheiding van De Standaard, hart & hoofd, glorificeert Torfs nu HLN.
Onder eigen naam.

Zelfs driemaal per week. Als dat maar goedkomt.




17:06 Gepost in Dagboek | Tags: rik torfs | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

Puisque tu pars

zeeesk2525zw.jpg

 

Hier verberg ik mij 
zoals het leven
tussen komen en gaan.

Hier volg je mij
niet meer
tenzij vanuit je verre ogen.

Hier verdwijn ik zacht
wanneer mijn sporen
zee geworden zijn

en verloren.

 

 

26-07-11

PS. Dankje Manu. Je foto verleidde mijn Muze.

 

PS.
Omdat de hitte ook hersenen uitdroogt, denk ik, sijpelt er geen inspiratie in m'n vingers.
Ik zoek op het strand van vroeger. En vind dit.

 

https://www.youtube.com/watch?v=bDXntu73gNo

 
 
www.youtube.com
Pour Yan, un tour ensemble...

Puisque l'ombre gagne
Puisqu'il n'est pas de montagne
Au-delà des vents plus haute que les marches de l'oubli
Puisqu'il faut apprendre
À défaut de le comprendre
À rêver nos désirs et vivre des Ainsi soit-il

Et puisque tu penses
Comme une intime évidence
Que parfois même tout donner n'est pas forcément suffire
Puisque c'est ailleurs
Qu'ira mieux battre ton coeur
Et puisque nous t'aimons trop pour te retenir

...


321013

18-06-17

met of zonder tranen

Ze is met pensioen vertrokken. De poetsvrouw met de korenbloemblauwe ogen en het klaproze gemoed. Linda. Hield sinds de ­jaren tachtig de redactiegebouwen proper. Dat deed ze op hakken en zonder ouder te worden. ...
We zwaaiden haar uit in de ­koffiehoek. Ze zag de ballonnen en de bloemen, en de helle ogen schoten vol. De tranen stroomden, prachtig vanzelf en vrijuit. Haar tranen lokten andere uit, zo werkt dat. Ik voelde hoe ik hun tranen benijdde. Het vanzelfsprekende gemak van dat wassende huilen.
Het is mij nooit gelukt, zo probleemloos, zo open. Zelfs liefdevol meehuilen niet. Geïmponeerd keek ik naar wie dat wel kan. Ik bewonder de toegang die ze tot zichzelf hebben.


Uit "Parels - Guinevere Claeys" - De Standaard - 17 juni 2017

 

Soms is het als wachten op de regen.
Je tranen zijn verdwenen.
Verscholen of verhard, ondergedoken.

Onder het eelt van je verleden.

En hoewel je bidt tot de hemel
voor deze zachte zalf,
kan zelfs een dode je niet helpen.

Je tranen zijn verstopt. In een onbewogen ogenblik.

Geen mens, geen hond of krokodil,
geen klaproos of een korenbloem
bevrijdt ze uit de klieren

van hun zoute ziel.

Maar dan hoor je plots een lied,
zie je een beeld en dan weet je
dat het nog niet verloren is.

En ruist de regen over een oud gemis.

                           ...

 

PS.
Ik denk aan een film, lang erg lang geleden. Ken de namen nog van hen. En zoek.
En vind. Niet meer wat ik toen zag.
De herinnering verloor haar tranen.

De mooiste scène was het afscheid van de tuinman. Even zie ik hem dansen.
Met mijn Josephine. Toen al.
Afscheid nemen doe ik nog altijd zonder tranen.


https://www.youtube.com/watch?v=N0v6Rr66B4M

 
www.youtube.com
Unsubscribe from Bandes Annonces Cinéma? Rating is available when the video has been rented

 

 

https://www.youtube.com/watch?v=MoFhf_u3_iU

 
 
www.youtube.com
Rod Stewart - When I need you with lyrics.

 

Bartje groet 's morgens de koffie

 

Als ik de schreeuw van de gele vogel hoor,
denk ik aan Ispahaan.
En hoe we beter niet vluchten
voor de haast van zijn dodelijk gezang.

Want ginder in die vreemde verte wacht
totaal verbaasd de Tuinman.
Hij die je wiedt
als een vergeet-mij-nietje.

Dat in de Tuin van Grote Mensen niet meer past.

                                                                       ...

 

https://www.youtube.com/watch?v=7iXOzqjhPV8

 
 
www.youtube.com

 

PS.
In mijn stad vliegt er menig gele vogel
door de rode lichten.

Ik ben bang van zijn gezang.
De ratelende reutel van de Zwarte Kraai.

En hoe zijn brieven door de hemel fladderen.
Als rouwende vlokken sneeuw.

Met gulzig genot drink ik koffie.
Uit de ochtend.

En herschik de rozen in de vaas.



 

 

De tuinman en de dood

Een Perzisch Edelman:

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: "Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!" -

...

Citaat uit De tuinman en de dood - P.N. van Eyck

 320767

 

07:32 Gepost in Dagboek | Tags: bart moeyaert | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

17-06-17

de grens van het verlangen

Toch is het vanzelf gegaan, althans in de herinnering van mijn lichaam. Langzaam, met de jaren van reiken en wijken, heb ik het wel begrepen. Dat er in wezen niets te begrijpen valt.

En dat ik precies dat moest proberen te begrijpen. In het verlangen naar de ander.  Die ik tegelijk nooit zou vinden. Maar blijkbaar wel voortdurend wil zoeken.

Kortom, met of zonder internet in mijn zak, met of zonder sexting, fossiel of zakdoek in mijn broek: waarom leren wij elkaar niet, desnoods al op 13, nog in korte broek en met halve borstjes, wanneer we nog niet eens weten hoe een vrouw misschien klaarkomt of een man gewoon wil thuiskomen, dat we elkaar nooit zullen vinden, maar wel schitterend kunnen naderen?

Dat net daarin, in die eeuwige nadering, onze menselijkste schoonheid en onze uiterste samenkomst schuilen?

Dat niet ‘het ding’ zelf, maar al de pogingen, bewegingen en gissingen eromheen – dat net zíj onze hele zinnelijkheid, onze hele erotiek, onze hele vereniging zijn?

Waarom blijft het zo moeilijk om dat te begrijpen? Dat de ander een grens is waarlangs wij verlangen naar de overgang, die nooit zal plaatsvinden.

Uit Si & La - Bernard Dewulf
Het Weekblad van De Standaard - 17 juni 2017

 

De woorden hierboven had ikzelf willen schrijven.
Maar dan anders. Over verf. En over het lichaam.
En zijn t-rillingen. Bij het naderen.

Over kijken en begrijpen. Zonder te verstaan.

Maar mijn handen zijn geen verfborstels.
Doch soms lijken ze wel suppoosten.

Als ze heel teder zijn. Dan dragen ze haar gemis.

Maar neen, in een Museum... kan ik niet kijken.
Zoals een ander.
Met de kennis van hun ogen geprangd
onder hun wetenschappelijke wimpers.

Ik kijk met mijn kloppend orgaan dat mij in leven houdt.

En als dat niet overslaat dan heb ik niets gezien. Noch minder
begrepen.
Ik zie niet in termen van strepen of vegen,

van dichtbij of ver weg. Vooral niet binnen het kader van namen.

Maar van beelden en verbeelding.
Hoe vullen ze mekaar aan.
Hoe laten ze mekaar vrij.

'Hoe' is mijn bril. En ontroering mijn vergezicht.

Tracht deze woorden niet te vatten, lezer-es,
kijk ernaar als naar een doek.
Knijp je ogen dicht, enerveer desnoods een toevallige suppoost.

En lees vooral wat er niet staat.

bernard dewulf

PS.
De stilte van het licht van Joost Zwagerman is bijna verdwenen. Nog enkele pagina's
en dan is het weer donker. In de taal van de leegte.

Joost Zwagerman schrijft, bijzonder en helder, moeilijk en onbegrijpbaar,
maar zo leesbaar boeiend.

Ik geraak niet tot aan zijn hielen. Zijn kennis overschaduwt mij.
Maar ik hou van de koelte onder het lover van zijn woorden.

Ik begrijp de stilte niet en al evenmin het licht. Maar soms nader ik de ontroering.
Daar ligt de grens van mijn verlangen.


"Langzaam, met de jaren van reiken en wijken, heb ik het wel begrepen. Dat er in wezen niets te begrijpen valt."
Bernard Dewulf.

 

https://youtu.be/0_YDrJoUe8s

 
youtu.be
Subscribe for our latest videos: http://mo.ma/subscribe Explore our collection online: http://mo.ma/art Plan your visit in-person: http://mo.ma/visit Filmed ...



320666

 

16-06-17

aan vlijt ten onder

Er is een boek getiteld De wereld gaat aan vlijt ten onder van Max Dendermonde. Toen ik een jaar of achttien was, raadden vrienden mij aan dat boek te lezen. Het is er nooit van gekomen. Misschien kan jij het namens mij doen.
...
Je wil je hele leven schrijven, zeg je. Maar hoe wil je schrijven? Er zijn mensen die hun hele leven schrijven zonder ooit iets te publiceren. Wil je niet ook erkenning voor het schrijven? Is schrijven zelf genoeg? Ik denk van niet.
...
Luiheid kan opstand zijn en hautaine vrijheid, maar werk kan dat ook zijn. Niet mee doen lijkt aantrekkelijk, maar de daklozen doen ook niet mee. De kunstenaars die beweren niet mee te doen liegen vrijwel altijd. De erkenning die zij krijgen, bewijst dat zij meedoen. De opstand van de kunstenaar wordt gesmoord in complimenten. Hij vindt dat gesmoord worden in complimenten doorgaans aangenaam.

Stukje uit een brief van Arnon Grunberg aan de Vlaamse dichter Charlotte Van den Broeck.
Uit De Standaard der Letteren - 16 juni 2017

...


Ik hoor het zachte gerinkel. En denk aan de vroegmis
van toen. Toen de ochtend nog heilig was.
En God aanbeden werd in volle vroegte.

Ik mocht dan misdienaar zijn. En de bel rinkelen.Geknield voor het altaar.

Maar neen, het is de buurvrouw
die haar witte tuintafel en stoelen opfrist.
Een ritueel om haar ongeluk weg te schrobben.

Denk ik. Want het meubilair wordt nooit gebruikt.

Het is, zoals zoveel, een vitrine. Waar anderen
mogen naar gapen.
En hoe het had kunnen zijn.

Als de werkelijkheid niet tegenspartelde. En vlijt geluk bracht.


 

PS.
In 1999 gaf schrijfster, filosofe en hoogleraar ­Patricia de Martelaere aan de VUB het college bij de start van het nieuwe academiejaar. Haar toespraak verscheen later in De Standaard onder de titel ‘Nietzsche en de eeuwige terugkeer van hetzelfde’, en werd ook opgenomen in haar essaybundel Besluiteloosheid . De lezing is vooral een pleidooi om het volledige leven te omarmen, ook als het niet altijd loopt zoals we zouden willen.

Eigenlijk, zegt De Martelaere, houden de meeste mensen niet echt van het leven maar alleen van de leuke momenten, wanneer het goed gaat, de zon schijnt, de liefde bloeit, het werk boeiend is en de bankrekening groeit. Maar hoe ga je om met de momenten wanneer het minder gaat, wanneer twijfel of zelfs wanhoop toeslaan en het leven geen walk in the park is?

Haar stuk eindigt met een aanvulling bij het beroemde adagium van de Latijnse dichter Horatius,
‘Carpe diem’. Dat maxime moet niet luiden: ‘Pluk de dag’, maar: ‘Pluk de dag, ook al is het een distel.’

Uit: "Pluk de distel - John Vervoort"
De Standaard der Letteren - 16 juni 2017


PS.
Ik weet niet of de wet vandaag nog bestaat. Maar toen ik nog kind was, was de distel verboden.
Als de Champetter er eentje op het veld van de boer vond, dan moest de Arm der Wet aan het werk
om die onvlijtige landbouwer een proces te maken. Voor de luie burger idem dito.
Van omarmen was er dus geen sprake. Is trouwens verre van aangenaam.

Liever een korenbloem of een klaproos.

Maar tja, filosofen en dichters hebben de luxe dat anders te zien.
Zelf lijd ik aan Besluiteloosheid.Hoe vlijtig zal ik aan deze dag beginnen?


Alleszins, zou ik liever gesmoord worden in de complimenten. Dan aan vlijt ten onder te gaan.



320569

 

15-06-17

mes pensées

 

 

Toen het zand
aan je navel likte

wou ik het epicentrum
van je lichaam zijn

maar de middelpuntvliedende
kracht van je gedachten

blies mij
als een zuchtje lucht

naar zee ...

 

 

 

PS.
En dan vind je wat. Op een onverwachte plek.
En dan lees je dat. En ontdek je dat het je eigen woorden zijn.

En dan word je een lezer. Van je vreemde zelf.

 

 

 

woonbox

Hoe deden ze dat vroeger? Toen er nog geen mailboxen bestonden om in te wonen? Ik heb het gevoel er mijn hele wakkere leven in door te brengen. Ook als hij dicht is. Mijn mailbox is mijn onderkomen, soms toevluchtsoord, vaak ballingsoord – het is er niet áltijd plezant thuiskomen, tussen de onbeantwoorde mails. En de te vele persberichten, in hun beste poging zich met één onderwerpregel te onderscheiden. Het is vechten om dat dure goed dat aandacht is. Ik ben een seriewisser geworden, aandacht moet je vrijwaren.

Uit "Dorst - Guinevere Claeys" - De Standaard - 15 juni 2017

 

Het zal voor iedereen wel anders zijn.
Ik zie me niet direct wonen in mijn mailbox.
Behangen met reclame. En ongewenst bezoek.

Kranten en andere indringers.
Ik kijk dan even door het raam
van hun titels. En doe alsof ik niet thuis ben.

Ongelezen stuur ik ze naar een verbanningsoord.

A la Bonaparte.
Daar kunnen ze rustig wachten
tot ze door de eeuwigheid vergeten worden.

Zelf hou ik meer
van mijn oude blauwe brievenbus.
Helaas, ze is met uitsterven bedreigd, vrees ik.

Buiten de Fiscus, komt slechts een zeldzame bezoeker aan huis.

brievenbusBRN-0010-10.jpg

PS.
Natuurlijk, ben ik medeschuldig.
Ik schrijf zelf geen papieren brieven meer.
Verleid als ik ben door gemakzucht.

Geen postzegel nodig en niet op zoek naar de Post
die zich uit de stadsbuurten heeft teruggetrokken.
Als het verslagen Rode Leger. Overwonnen door de Mailboxen.

 

320464

 

14-06-17

Welk perspectief wil je?

De werkelijkheid volgt de droom. De zoete droom maar ook de angstdroom. Je moet je concentreren op wat je wilt en niet op wat je niet wilt. Want de werkelijkheid is een spiegel van je gedachten.

Ik had al vaker naar de berkenboom gekeken. Hij had zijn beste tijd gehad. Hij zat de kastanjeboom die tot volle wasdom wil komen in de weg. De storm zette de puntjes van mijn verlangen op de i. Omlaag ging hij, met wortels en al. Zonder een litteken in de bodem achter te laten.

Ik was zo dankbaar toen ik de berk op de ochtend na de storm diagonaal in onze tuin zag hangen. Het waren de pijnbomen die zijn val hadden gebroken. Ik belde mijn boom­sjamaan die nooit de telefoon opneemt maar nu wel. Hoewel hij bijna nooit tijd heeft, had hij die nu wel. Een uur later kwam hij langs om in de vijftien meter hoge pijnbomen te klimmen en van daaruit de berkenboom te ontmantelen.

Nu de boom weg is, ontstaat er opeens een nieuwe werkelijkheid. Andere bomen komen tevoorschijn, krijgen ruimte. De diepte is anders, het perspectief. Zo is het met alles wat wegvalt en verdwijnt. Altijd komt er iets anders voor in de plaats. Daarom moet je je nooit aan iets vastklampen. Het ­enige wat je met doen is blijven kijken, en je verbazen.

Uit:  "Wat wil je?" - COLUMN -

 

 

08:40 Gepost in Dagboek | Tags: rik torfs | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

13-06-17

meisjes van veertig

 http://eyespired.nl/wp-content/uploads/2015/08/mobiele-schommel-weltevree-2.jpg

                                              Eyespired - mobiele-schommel-weltevree-



Een groepje joelende meisjes,
die neigden naar de veertig,
kruiste de lichtheid van mijn bestaan in de Diestsestraat.

Uitgelaten als schoolkinderen, zonder de meester.

"We kijken ze in de ogen, hé mannen.
Zie! Die daar heeft nen hoet op."
En ze lieten hun lach los als salvo's door de ochtendstraat.

Kwamen ze van Venus of waren ze ontsnapt uit mijn Kempenland?

Ach, ik zag hun haren nog gevlochten met schroom
en madeliefjes,
wiebelend op de schommel.

En hun geloken ogen onder hun verwonderde wimpers.

Weggedoken voor de stoute jongens. Onder de appelboom.

 

 

 

 

 

PS.
'Dane plastron moete eut doen, hé kerel, stuksken Anderlecht!'
Stoute jongens, tja. Daar zat hij dan in het bushokje.
Met een obees Marcelleken. En serene sletsen.

Mij de les te spellen. Ik gebaarde van krommenaas.

Ik vrees dat onze maatschappij in z'n geheel lijdt aan
een vorm van Conduct Disorders (CD). -In de publieke ruimte.-
Er is geen barricade meer tussen de ongefilterde gedachte en de brutale mond.

Schroom is een onbekend begrip. En pudeur niet van deze tijd.

O, ik weet dat er vroeger veel hypocrisie in de omgangsvormen zat.
Maar het was wel makkelijker om door één deur te geraken.
En minder kwetsend.

Je vous en prie, Monsieur.

 

Hier is... de reïncarnatie van een verlangen

https://www.standaardboekhandel.be/images/9789025449278.img?img=img/h12/h12/h00/h00/9789025449278BACKCOVERm4books.jpg&w=800&h=800

 

 

Als ik ooit zou kunnen reïncarneren
dan liefst als Adriaan van Dis.
Of Sir Michael Philip Jagger.

Ik twijfel nog.

Tussen de chique eruditie.
De onstuitbare eloquentie
en de voorname bekendheid.

Of de schaamteloze zanger
van Seks en Rock and roll.
I can get no satisfaction...

en dus word je op je 73 nog papa.

Misschien dan toch maar van Dis.
Zonder nageslacht.
Maar met een villa in de bocht van een rivier.

En boeken schrijven, boeken...
en nu en dan
iemand bij het haardvuur.

Die je zachtjes voorleest. Nog even voor... het later wordt.

 

PS.
Ik zou het boek niet kopen, schreef ik enkele dagen geleden.
Ondertussen heb ik het reeds uitgelezen.
En jawel, het is een uitgelezen boek. Een Adriaan van Dis.

 

https://www.youtube.com/watch?v=Th_Nu0LgjLI

 
 
www.youtube.com
De nieuwe roman van Adriaan van Dis, 'In het buitengebied', gaat over alleen wonen. Een schrijver heeft zich gevestigd in een afgelegen vallei - ver van de stad en ...

 

 

het begin van mijn verleden

Ik zat door mijn papieren zakdoeken, en hij gaf me de zijne – een stoffen, blauwgroen, rook naar de was. Een echte zakdoek, dat was jaren geleden. Zo een met een verleden en zelfs nog een toekomst. Een zakdoek met ervaring, dat voel je meteen. Een die het ­allemaal al meemaakte. Snot, bloed, zweet, tranen. Niets wat hij niet aankan.

Ik beloofde hem de zakdoek ­gewassen terug. Want dat kun je daarmee doen. Wassen, zelfs strijken, zoals grootmoeders deden. Ik kan ze nog ruiken, de lichtroze zakdoekjes van die van mij. In de lade lagen ze rechthoekig koket naast de vierkante van mijn grootvader. Zeker hij was daar stellig in: een man gaat niet buiten zonder.
...
Zijn blauwgroene mocht ik trouwens houden. Dat zegt de etiquette – je vraagt een vrouw je zakdoek nooit terug. Intussen heb ik er wel al zes mogen houden van zijn etiquette. Ze liggen vierkant en gestreken in de lade. Het is een begin.

Uit "Zakdoek - Guinevere Claeys" - De Standaard - 13 juni 2017

 

Als aan een gewijd moment,
zo denk ik terug aan m'n eerste zakdoek
die ik van moeder mocht strijken.

Ik was nog een knaap. Zonder baard. Ook in de stem.

En alles moest nog beginnen. Behalve gemis.
Dat was er toen ook al.
Maar vooral veel verlangen.

Ik liep ervan over.

Er was niets, zo vlak na de oorlog,
behalve tijd. En dus een zee met zicht
op morgen. Later als ik een ridder ben.

Ondertussen streken we dapper de zakdoeken.

 

 

PS.
Ooit was er een tijd dat keurige maar frivole dames hun maagdelijk zakdoekje lieten vallen,
als er een geschikte witte prins passeerde.
Het was Tinder avant la lettre. Een kanten sms-je.

De ridder boog dan diep om het kleinood van de straat te plukken
en het met een elegante buiging terug te bezorgen aan de Freule.
Het kon een begin worden.

Ik strijk nog altijd mijn zakdoeken. Stevig en streng. Een conditio sine qua non
voor ik naar de stad vertrek. Dan klop ik even op mijn broekzak. Check.
Zijn we klaar. En in de plooi. Je weet maar nooit. Onderweg.

Een flierefluiter met etiquette. Een anachronisme uit vorige eeuw. Met een witte zakdoek.

 

320241

11-06-17

Wachten tot het voorbij is...

Jouw omgeving is ambitieus zeg je. Ze willen allemaal ongeveer wat jij wil en jij lijkt mij iemand die op een dag tot de conclusie komt dat zelf iets minder willen allicht de beste manier is om je tot die omgeving te verhouden.

Ik ben zelf als een betrekkelijke Einzelgänger door het leven gegaan. Ik heb wel hulp gezocht en gekregen, maar toen ik begin twintig was, was ik bang voor mensen van mijn eigen leeftijd. Ik vond oudere mensen prettiger.

Laatst vroeg iemand me tijdens een openbaar interview of ik competitief was. Het was de eerste vraag, ik werd erdoor overvallen. Vermoedelijk wel. Niet competitief zijn voelt als een existentiële bedreiging. Het is weerloos zijn, onaantrekkelijk zijn, een prooi zijn. Wachten op het roofdier dat jou verscheurt.

Stukje uit een brief van Arnon Grunberg aan de Vlaamse dichter Charlotte Van den Broeck.
Uit De Standaard der Letteren - 9 juni 2017

 

Wachten op het roofdier dat jou verscheurt.

Het leven lijkt op een sprookje.
Die zijn altijd wreedaardig.
Hans en Grietje, Roodkapje, van de Zeven Geitjes...

Er leven vele sprookjes in mij.

Ik loop verloren in het Vreemde Bos
van Grote Mensen.
En luister naar het scheuren van hun tanden.

De Wolf ligt in het bed van Grootmoeder.

En ik verberg me. Dàt is alles wat Klein Duimpje kan.
Want hij hoort het trillen, het rillen van de aarde.
En weet dat de Reus dichterbij komt.

Soms met pijl en boog dan weer met een A-bom.


 Afbeeldingsresultaat voor lam+wolf


PS.

Sommigen worden geboren met scherpe tanden. Ze bijten.
En oefenen zich. Voor later.
Als ze groot zijn.

Anderen blijven een mekkerend lammetje.
Hulpeloos en gespeend van moeder.
Ze wachten. Op het Geluk. Dat rustig staat te grazen. Als een dichter.
...

Soms was ik grootmoeder, dikwijls een ridderlijke jager,
een hoofse troubadour, a loving guardian, zelfs een smokkelaar,
maar nooit de Wolf.

...

Terug van de zondagsmarkt. Onderweg zag ik pure poëzie.
Twee gordijnen ontsnapt uit het raam. Vlinders.
Ze proefden van de vrijheid.

Als waren ze twee Koningskinderen. En het water te diep.

...

http://uvi.skynetblogs.be/archive/2013/03/06/a-loving-gua...

 
uvi.skynetblogs.be
Ik ben erg blij en ontroerd door het filmpje dat je plaatste. Om te bewaren en te koesteren. Een mooie nacht.Mijn allerliefs ...

https://www.youtube.com/watch?v=islwWH94X00

 
 
www.youtube.com
George Steiner Interview...

 



 

Vader is een sterk werkwoord

 

 

Vandaag
voor alle vaders.
Vergeten of niet.

Vader is een werkwoord.

Vooral

die overgebleven 364 dagen.
Ook al ben je dan maar een zwakke comparatief.

Van moeder.

 

 

319976

10-06-17

Prêt-À-Aimer

En terwijl ik ons zo verenigd zie zitten, in de verlopende avond, bijna kan raden waarover het hoofd van de tafel het heeft met zijn buur, bijna kan voorspellen hoe zij nu wat weifelend, na glazen, haar haar zal schikken en hij aan zijn moppen zal beginnen, schiet me een zin te binnen die ik onlangs las en heb onthouden. Hij is van een filosoof en luidt:
‘Wij vieren herhalingen’. Ik herhaal: ‘Wij vieren herhalingen’.

De zin lijkt me precies te zeggen waar wij mee bezig zijn.

De filosoof voegt er ook nog licht venijnig aan toe: ‘Hoe feestelijk kun je het krijgen in een bestaan waarin alles wat opkomt ook telkens weer ondergaat?

Uit Si & La - Bernard Dewulf
Het Weekblad van De Standaard - 10 juni 2017

Uit een film van Sohrab Shahid Saless 

 

 

Ben ik wel klaar voor de dag. En straks.
Prêt-à-Aimer.
Kan ik nog liefde slurpen uit de ochtend.

Die zich herhaalt. Alsof hij onuitputtelijk is.

En hoe overleeft liefde
de herhaling.
Van de seizoenen.

Is er nog tijd om te zoenen.

 

 



PS.

Laat ik eindigen met die vraag. Iedereen heeft immers een ander
antwoord.
Iedereen herhaalt zich anders.

Door soms te aarzelen, te stotteren. Te ontwijken, te wijken. Te mijden.

Er zijn vele katalysatoren.
Gladiatoren die ons gemis bestrijden. Of ons verlangen verwonden.
Dis-moi...

PS.
Er stonden meerdere foto's in het Weekblad die mij raakten. Ontroerden.
Ik kon er niet van wegkijken.
Hoeveel moedeloze herhaling zit er in het beeld hierboven.

Waar eindigt het? Wanneer? En hoe?

 

PS.
Ik leende de titel van mijn dagboek uit dit korte bericht:
Om haar multiculturele identiteit te onderzoeken, dook Aïcha Cissé voor de voorstelling
Dis-moi wie ik ben in haar familieleven. In haar nieuwe stuk Prêt-à-Aimer graaft de film- en theatermaakster met evenveel genoegen in haar liefdesleven. Het resultaat is een semi-autobiografische monoloog over het mysterie dat we liefde noemen.
Uit De Standaard
...

En dan vind ik dit:

Retie, vrijdag 2 november 1990

Omdat er schijnbaar nooit iets ophefmakends in je leven gebeurt
en je dagen bestaan uit dagdromen en herinneringen, grijpt ieder
vandaag terug naar de dagdromen en herinneringen van gisteren.
En hoe dichter het definitieve 'morgen' jou nadert, hoe meer je leven
de vormen zal hebben aangenomen van herinneringen aan herinneringen
en van dagdromen over dagdromen, en hoe dichter, dikker en ondoorzichtiger
de massa onbestaan zal zijn, die je scheidt van het enige
werkelijk  beslissende en ophefmakende feit van je bestaan: je geboorte.
En heel dat proces is dan wat dichters en filosofen durven te noemen:
de ver-wezen-lijking, de essentialisering!

Uit 'Dagboek van een dichter' - Leonard Nolens.

 


319827

08-06-17

perpetuum mobile

Foto uit De Standaard - 8 juni is World Oceans Day

 

Ik blijf naar je kijken met handen en voeten.

 

07-06-17

We'll meet again

WO-II.jpg

Internet

 

 

Sommige vaders probeerden te vluchten, verschansten zich

op hun kantoor, sneden hun polsen door in bad,

verloochenden hun vaderschap.

Maar ze kwamen hen halen, de zonen en dochters.

Ze zeiden dat de vrede die zou komen

grote, warme borsten had.

Ester Naomi Perquin - Uit ‘Meervoudig afwezig’

                            ...

 

Nooit was ik een held.
Jan Zonder Vrees
dàt was een held.

Ik was liever blode Jan dan dode Jan.

Want later na de Oorlog
als de Vrede kwam
met haar grote warme Borsten

dan zou zij mij kiezen. Bij gebrek aan Jan.

 

PS.
Elke dag word ik op TV overspoeld door Oorlog.
WO I of II.
Op Canvas maakte ik gisteren levensecht de landing in Normandië mee.

Je kijkt ze nog even in de ogen en hoopt het beste.

We'll meet again
Don't know where
Don't know when
But I know we'll meet again some sunny day - Vera Lynn

Miljoenen zullen malkander nooit meer ontmoeten.

PS.
Ik was 4 in 1945. Nu nog zijn de beelden zo helder
als toen.
Ik geraak niet los van WO II.

 

Raak mij aan
Raak mij met alles aan
Laat mij niet ongedeerd
Wees geen held

roosbeef16.jpg

https://www.youtube.com/watch?v=okGLFeRYOxw

 
www.youtube.com
'Raak Mij Aan' de nieuwe single van Roosbeef gaat over een meisje die in de oorlog leeft, niet per se bang is om dood te gaan, maar vooral bang is om onaangeraakt te ...

 

een kleine zeebloemlezing

Afbeeldingsresultaat voor zee+meeuw schilderijen
Internet Etsy

 

 

Zoals dit eiland van de meeuwen

Zoals dit eiland van de meeuwen
is en de meeuwen van hun krijsen
en hun krijsen van de wind
en de wind van niemand,

zo is dit eiland van de meeuwen
en de meeuwen van hun krijsen
en hun krijsen van de wind
en de wind van niemand. 

~Herman de Coninck

 

 

 

Blauw waait de wind.
Meeuwen laten zich drijven
boven land en zee

...

Dit is ook echt zee.
Met groene lange regenjas.
Ook daar houd ik van.
Maar... het meest van jou!!!

...

Zee zand water wind
en ik.
Slaap wel en tot morgen!

...

Zeeblauw ontwaakt.
Gij waarschijnlijk ook.
De meeuwen slapen nog...


Getekend Mrs. Jones

                 ...

 

PS.
Terwijl ik een halsstarrige huismus ben, lijkt Mrs. Jones eerder op een zwervende meeuw.
Haar sms'jes geuren naar het zilte zeewater.
Haar !!! zwiepen over het strand.


Hier hoor ik de zee in de bomen.
De wolken drijven naar Scandinavië.
En dichters herkauwen hun woorden.

 

 

319480

06-06-17

le temps qui reste

 

 

 

Ooit
zal ik een herinnering
zijn. Een lichte rimpeling
tijdens een drukke dag.

Toevallig
als een geur
die door de kamer slentert
en een beeld filtert

uit wat vergeten was.

 

 

319436

 

05-06-17

meeuw

 

meeuw47daa1fa36eb93b183f6097a9fac54d7-1464014532.jpg

Foto geplukt van internet.

 

Geef mij één meeuw en ik maak er de zee van...

Deze woorden zwemmen nu al twee dagen in mijn landerig hoofd.
Was ik maar een schilder.
Dan schreef ik ze op het canvas.

Met een golvend penseel.

Maar neen,
ik strand op het wit.
De lege vlakte van het niets.

In de verte hoor ik een schreeuw.






PS.
Soms kruipen ze weg. Verschuilen ze zich voor mijn vervelende vingers.
Ze zijn souverein. Onafhankelijk. Je kan ze niet bevelen. Of opeisen.
Ook al schenken ze je een eerste regel... ze weigeren een volgende zin.
Ze eten niet uit je hand. De woorden.


Zonder zin, geen zin. Het is overleven. Zonder Muze.



319136

04-06-17

Manieren om naar huis terug te keren

Alejandro Zambra Manieren om naar huis terug te keren Zambra wisselt in deze roman tussen de hilarische, ontroerende stem van een jongetje van negen, en de liefdevolle, berustende stem van een jonge schrijver, die veel van de auteur wegheeft. En zo vertelt hij in verschillende versies het verhaal van zijn generatie, en komt erachter dat niets is wat het lijkt, dat niemand onschuldig is, en dat het terugroepen van een verloren generatie niet simpelweg gaat door je af te zetten tegen je ouders, maar dat je daarvoor ook je eigen falen genadeloos bloot hoort te leggen.
Uitgeverij Karaat   Tout pour la littérature!

                                                        ...

Afbeeldingsresultaat voor huis in zwart wit

  AliExpress- Foto van het internet geplukt.

 



Eerst moet je weggaan.
Je neemt je verlangen mee.
Maar je gemis laat je thuis.

Want gemis is er overal.
En hevig.
Dat merk je wel meteen.

In de ogen van dat meisje.
Druk bezig met haar Selfie.
Zij en zichzelf.

Twee geliefden. Alleen op deze wereld.

De dame naast de heer.
Hij zwijgt. Zij luistert
al lang niet meer.

Zelfs niet als hij zeldzaam welig zijn adem over haar drapeert.

De bank aan de kerk weet
dat ik zo dadelijk weer zal vertrekken.
Ik wacht nog op het teken van de Jacquemart.

Zo rek ik mijn geduld nog even uit.
Mijn rusteloosheid is niet meer te stuiten.
Het huis wacht.

Bijna radeloos. Dat weet ik zeker.



PS.
Ik werd gelukkig van de titel die ik las in De Standaard der Letteren.
Manieren om naar huis terug te keren.
Ik ken ze allemaal.

Zoals die stiekeme die ik vandaag toepas: niet vertrekken. Maar hardleers blijven wachten.
Op het huis.
En weten dat het toch nooit weggaat.


319048

03-06-17

de tedere anarchist

Een tedere anarchist

‘Ik ben een en passant uit de Lof der Zotheid’, zei Gerard Petrus Fieret. Terloops leek ook het werk van deze obsessieve Nederlandse fotograaf, nu te zien in het Fotomuseum Den Haag.

Als een bezetene legde hij vast wat hij tegenkwam: mensen, dieren, straattaferelen, zichzelf. Maar vooral vrouwen. Veel vrouwen. Veelal onbekende, van de straat of uit het café geplukt. In hun volle glorie of alleen hun borsten, voeten of lange benen. Maniakaal en tegelijk achteloos bekeken. Tien jaar, tussen 1965 en 1975, fotografeerde hij dagelijks, begin jaren tachtig hield hij ermee op. ‘Alles vastgelegd.’

Gerard Petrus Fieret (1924-2009) was een kind van zijn tijd. Wild, anarchistisch, vrij. Tegelijk was hij te eigengereid om ergens bij te willen horen. ‘Ik ben geen fotograaf, ik ben niet eens kunstenaar’, zei hij. ‘Ik heb me door de kunstacademie heen geworsteld en beheers een veelvoud aan disciplines: schilderen, tekenen, schrijven, dichten en fotografie. Ik kies er niet eentje.’

Desondanks zal hij vooral herinnerd worden als fotograaf. Als ‘vuile’ fotograaf, viezentist. Toch worden zijn naakten nergens porno­grafisch – hij keek dwingend, maar liefdevol. En hoe teder ook zijn blik, zijn afwerking was ruw. ...

Citaat uit Het Weekblad van De Standaard - 3 juni 2017

 

 Beauty is in the eye of the beholder.Honi soit qui mal y pense.

 

Toen ik dit beeld zag, wist ik dat de krant mij niets schoner nog kon bieden.
Tussen de tristesse van de dag en de toekomst van het weekend.

Even glipte Gustave Courbet door mijn gedachten. Maar ik schrapte meteen zijn 'l'Origine du Monde' uit mijn ogenblik.

In 'de stilte van het licht' kijkt zij mij in de ogen.
Bijna sla ik mijn blikken neer. Betrapt als een voyeur.

Maar dàt is totaal ongewenst. Integendeel. Zij eist onze aandacht.
En heerst als een koningin over de kijkers. Haar onderdanen.

Die liggen aan haar voeten. Verslagen en gewond. In hun verlangen.




PS.
Gisteren ontving ik een uitnodiging voor de heropening van het M-useum van mijn stad.
Het beeld dat de tentoonstelling draagt, maakte mij meteen verdrietig.
Onmiddellijk wist ik dat ik de vernissage zou overlaten aan de Kenners. Met elitaire blik.

Een man (de moderne mens?) loopt met zijn gezicht tegen de Muur. En blijft erin steken.
Toch marcheert hij verder. Geen muur houdt hem tegen. Befehl ist Befehl.
Deze kelk van banale Kunst met een kleine k, laat ik aan mij voorbijgaan.

Er is al genoeg verdriet in de Wereld dat ik moet overleven.

 

 




318909

02-06-17

Bange vaders


Ondersteunende troepen

De vaders waren bang toen de oorlog begon. Maar de kinderen

kwamen hen troosten. Ze zeiden dat er na de oorlog

feest zou zijn, met drank en gratis sigaretten.

Dat er medailles zouden komen, dikke gouden plakken,

dat men zou klappen, dat er standbeelden kwamen,

hele imposante. Een eindeloze bloemenzee.

De vaders huilden toen de oorlog begon, verstopten zich

onder hun bedden, klampten zich aan echtgenotes vast.

De kinderen kwamen met hen praten, legden uit hoe het zat

met de kwetsbare waarde van eigen gelijk. Ze schoven

hen wapens in handen, spraken over echte mannen,

hoe dringend deze oorlog nodig was.

Ze zeiden dat de vaders het op een dag zouden begrijpen,

als ze onschuldig waren en klein, als ze de wereld

zo goed zouden kennen als zij.

Sommige vaders probeerden te vluchten, verschansten zich

op hun kantoor, sneden hun polsen door in bad,

verloochenden hun vaderschap.

Maar ze kwamen hen halen, de zonen en dochters.

Ze zeiden dat de vrede die zou komen

grote, warme borsten had.

Ester Naomi Perquin - Uit ‘Meervoudig afwezig’
Citaat uit De Standaard der Letteren - 2 juni 2017

                                                               ...

 

Zelfs als de Oorlog grote Borsten had,
dan nog zou ik
een bange vader blijven.

Oud als een jongetje van vier.

Toen de Vrede haar Onschuld
verloor.
In haar Toekomst.

Die ze niet vervulde.
Nooit meer Oorlog
schreven haar Borsten.

Borsten... die geloof ik al lang niet meer.


 

PS.
Nooit meer oorlog. Stond er ooit op een Toren geschreven.
Die het land overschouwde.
En naar de zee keek. Als een baken van vertrouwen.

Ondertussen leerden wij op de banken
over Hannibal. De Grieken en de Romeinen.
Sparta en Athene. Aleja jacta est.

De Peloponnesische Oorlog.
De Honderdjarige Oorlog.
Zelfs de Rozenoorlog.

Maar over het verdriet van mensen:
geen woord.
En Borsten... had ik nog niet gezien. Die waren verboden.

 

https://www.vpro.nl/boeken/programmas/boeken/2017/15-janu...

 
www.vpro.nl
Carolina Lo Galbo ontvangt schrijvers Ivo Victoria en Ester Naomi Perquin. Victoria vertelt over zijn roman 'Billie & Seb', Ester Naomi Perquin over haar bundel ...


318801

01-06-17

het beknotten van de angst

Natuurlijk, artiesten hebben altijd al verdovende middelen genomen. Maar het contemporaine drugsgebruik is toch verschillend. Het gaat niet meer om roes­middelen, maar om zware pijnstillers, ­alleen op voorschrift verkrijgbaar. Cornell was verslaafd aan oxycontin, een sterke pijnstiller die alleen kortstondig na een operatie wordt verstrekt. Veelvuldig gebruik is zeer verslavend. Prince nam te veel fentanyl, nog zo’n pijnstiller voor na operaties. Op langere termijn tast zo’n middel de ademhaling aan. Prince overleed aan een hartfalen. Gruwelijk. Het is verbijsterend dat er niet meer aandacht aan werd besteed.

Deze drugs verzachten de pijn van eenzaamheid, onzekerheid en faalangst. Ze zijn een vlucht uit de werkelijkheid, zonder dat ze toelaten om die werkelijkheid creatiever te benaderen.

Dat is een verschil met de geestverruimende ervaringen van de poètes maudits. Kunstenaars hoopten veelal dat drugs gebruiken hun creativiteit zou bevorderen.

Citaat uit De Standaard - Tinneke Beeckman - Symptoom van een depressieve samenleving
1 juni 2017

 

knotwilg8118b55e-455b-11e7-bafe-9ce375ac614d.jpg

Waar een wilg is, is een weg.
Foto uit De Standaard

 

 

Alsof ze zich willen delen.
Of bewegen.
Het hart naar links, het hoofd naar rechts.

De twijfel van een knotwilg.

Voeten in de aarde, kruin in de wolken.
Zo voel ik me soms
in dit leven.

Omgeven door angst. En bang voor morgen.

 

PS. Foto.
Het is nog ochtend. Of misschien al duister.
Lichtjes twinkelen slaperig.
Of keukens ontwaken.

Vogels zoeken een tak.
Of verlaten hun bed.
Licht en schaduw verraden de tijd.

Oost, west. Thuis best. De zon is reeds lang wakker.


Encyclo:
beperken
(ww) :
bedwingen, beknotten, besnoeien, beteugelen, breidelen, indammen, inhouden, inkrimpen, inperken, insluiten, intomen, limiteren, matigen, reduceren, terugbrengen, terugdringen, verkleinen, verkorten
korten (ww) :
beknotten, beperken, besnoeien, knotten

318680