17-05-17

Irgendwie, irgendwo, irgendwann

klaproos-papaver-met-knoppen.jpg

Nog zovele woorden wachten op ons.
Nog zovele handen.
Nog zovele schouders en lenden ...
 
ook de tijd wacht nog ... op ons.
 

                                                                     ...

Spijtig toch dat ik geen essay kan schrijven.
Met de stilte van het licht.
In mijn zinnen. Glimmend als glas en gevuld. Volledig.

Leeg en toch vol. Neen, dat ligt niet in mijn kennis en kunde.

Verder dan een vlinder,
un coquelicot of une hirondelle,
geraak ik niet.

Dit is alles wat ik heb. Lees me zo.


 

PS.
Soms voel ik opnieuw wat ik reeds pijnlijk voelde in de tijd
dat de fundamenten van de Kunst onderuit gehaald werden.
De zeventiger jaren was een periode van afbraak.

Letterlijk en figuurlijk.

Al wat van vroeger was, leek fake en moest aangepakt worden.
Vooral in de architectuur.
Er werden huizen uit hun voegen gelicht. En diepe gaten geslagen in de ziel van de stad.
De ruimte dicteerde dictatoriaal de plannen. Functie was het enige ornament.

Waarrond muren geplaatst werden.

Meen nu niet dat ik enkel van figuratief houd. Neen een paar vegen kunnen een zegen zijn.
Maar ik ben niet bij machte te kijken, te proeven en te genieten
zoals een Dewulf of Zwagerman.


PS.
Mijn verontschuldigingen, lezer-es, voor de lichtheid van mijn bestaan.

 

 

https://www.youtube.com/watch?v=SR7WbmwhEFE

 
 
www.youtube.com
1912, in a little town North of Paris. Séraphine Louis, works as a maid for Madame Duphot, who rents an apartment to a German art critic and dealer, Wilhelm Uhde, an ...

 

 

Post een commentaar