17-08-16

Klein Duimpje

 

28-11-09

De rust van het rusteloze boek 

 

'Want ik ben zo groot als wat ik zie.
En niet zo groot als ik ben.'

Uit 'Het boek der rusteloosheid' - Pag. 58. - Pessoa.

 

Pessoa lezen da's brevieren. De dag dissecteren.
Het spectaculaire in het banale opgraven.
Het iets in het niets. Blootleggen.
Verdwijnen in het blijven. Bestaan in het bestaan.

Hij boeit me. Wrijft mijn aangedampte spiegel schoon.
Hij schrijft op een kamer. Die hij een luxueuze tint wil geven.
M'n art-deco-schemerlampen heb ik geroofd en
ben er mee naar zolder gevlucht. Ondergedoken.

In mezelf. De krochten van de allenigheid. Opgezocht.
En mezelf bevrijd. Van de ruimte.
'Want ik ben zo groot als wat ik zie.'

 

***

 

17-08-16

 

Hierboven. Het was 2009, mijn annus horribilis,
en ik woonde al meerdere seizoenen op zolder.
Mijn nageslacht lag in mijn bed
en chaise longue en bezette de belendende percelen.

Gelukkig wist ik toen nog niet
dat het nog erger zou worden.
December werd een wrede maand.

Dochter drie weken in de kliniek. En opa alleen met de kindjes.

Terwijl twee kleindochters NU nog slapen,
geniet ik van de stilte
en de wind die voor het open raam zingt.

Een kind dat gelukkig is. O, mijn God, wat een moeilijk woord.

 

PS.
Ik loop verloren in dit huis. De leegte die mij anders vult
is nu opgevuld.
Mijn kleindochters zijn lief en braaf (geworden).
Hoewel het leven niet eenvoudig voor hen is.

Ik gun ze dus graag wat dagen rust. Hoewel dat niets voor een kind is.
Eerder een straf.
Wat ziet het leven aan de overkant er toch mooi uit.

PS.
Zou ik Klein Duimpje (geweest) zijn

 

***

 

06-01-12

Het alternatieve boek


'En ze zou weglopen. En zichzelf vermoorden.
En dan zouden wij in het gevang vliegen.
En zij zou geen spijt hebben.'

De winterstorm was gaan liggen.
De regen treuzelde nog wat.
En de bomen keken beduusd
naar hun afgebroken takken.

Wij keken naar de meisjes.

Mama wou een 'boos-moment' inlassen.
'Cooling down'. Op straat.
Maar opa zat al een poos hongerig
in de auto te wachten.
Hij kwam dichter bij zijn 'melting down'.

En hij greep naar pedagogisch
onverantwoorde middelen.
Als een ouwerwetse Vlaamse klaroen
schalde zijn stem door de straten.

Dat zij meteen in de auto moesten.
Of dat hij (de boze opa) hen kwam halen.
En hij stond al naast het open portier.

De meisjes bleven nog even weerspanning
tegen de muren plakken.
Want ze wilden (weer eens) mee
met die andere kinderen en mevrouw.

Ook een sociaal 'geval'. Ik kan niet in detail gaan.


Toen wij hun flatje naderden,
gingen de dreigementen in hogere versnelling.
Ze zouden alles door elkaar gooien,
veel lawaai maken, de kleren uit de kasten
halen en nog ander terroristisch gedachtegoed.

Dochter zou zo voor de deur blijven staan,
zei ze. Bang voor wat er achter de deur
haar en de buren te wachten stond.

Ik zeg, o, maar dan halen we de huisbaas
erbij die woont toch naast jullie.
Wel, dan zij we braaf. Tot hij weg is.
Dat doen we toch altijd als er iemand komt.

En nu waren ze écht boos op mij.

 

 287156

De commentaren zijn gesloten.