17-05-16

Je n'ai que mon âme

 

Poste restante

 

Iemand wacht in een vreemde stad

in het postkantoor op een brief,

jaren al, maar de tijd is fictief.

Iemand wacht in een vreemde stad

 

op iets liefs, in de wetenschap

dat thuis, in een tijdloos nu, iemand

een inktspoor begint dat ginds

al zingt in het wachtende oog.

 

Zo schrijven zij samen een brief,

die zeker zal komen, vandaag nog,

iedere dag weer opnieuw. Misschien

glijdt hij nu in de bus, pas voltooid,

 

de postzegel opgedrukt als een kus.

 

Misschien komt hij nooit.

 

Charles Ducal

 

 

 

Je n'ai que mon âme


Ach, dat lichaam van je
onleesbaar als een ongekreukeld laken
huid over papier

waarin ik mijn gemis wikkel

jou schrijf met komma's
van aarzeling
en tepels van plezier

punten van precisie

hoe jij mijn dagen spelt
tot een alphabet
van a tot z

volgestouwd met jou.

 


PS.
Kon ik maar de leegte bedwingen.
Zoals een kat naar buiten kijkt.
In het gat van een schuifdeur de wereld bestudeert.
En naar vliegen krabt.

Achteloos en vanzelf. Schaamteloos onverschillig.

Maar neen, ik moet zonodig denken.
Over n-iets. Le néant et l'étranger.
In mezelf.

Ik leef van gemis en verlangen. Het gerundium van weemoed.

 

 

https://fr.wikipedia.org/wiki/Je_n%27ai_que_mon_%C3%A2me

 

 

280182 

 

14:30 Gepost in Dagboek | Tags: charles ducal | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

De commentaren zijn gesloten.