07-05-16

Tussen droom en daad

 

De observator dus.

Ik vrees dat ik het nooit helemaal zal ­kunnen, deelnemen. Maar ik heb het de deelnemers wel altijd benijd, hoe moeiteloos ze het doen. En niet dat ik dan zit te kniezen aan de kant. Maar ik zit er altijd wel verdeeld, tussen deel- en waarnemen.

Die tweedeling bepaalt mijn sociale leven (en soms het intieme). En niet dat ik eronder lijd, want ik heb zo mijn eigen genoegens.

Een van die genoegens heeft schrijver ­Gabriel Garcia Márquez in een al lang vergeten interview aldus verwoord: ‘In een restaurant heb ik onmiddellijk de mooiste vrouw gezien.’ Die ­triviale bekentenis heb ik altijd onthouden, omdat ik ze herkende.

Márquez was een vrouwenman. Daarmee bedoelen wij: we kijken graag. Uit onze zittende uitkijktoren. Omdat het gewoon vaak het mooiste is wat er te zien valt. Tenzij er in de buurt een naakt van Degas hangt, of laat licht op de muur valt.

Dan kijken we scheel.

Misschien is het een aandoening, de heer­lijke ziekte van de zinnelijkheid. Ze is aange­boren, daar ben ik intussen wel achter.

Die zinnelijkheid gaapt, voor alle duidelijkheid, niet uit de pik. Ze is een stille koorts in de blik. Ze kan net zo goed heimelijk het satijnen tafelkleed strelen als discreet de vrouwenhals volgen, even verderop in zijn betoog aan de tafel, opgaand in de choreografie van het gezelschap.

Zinnelijkheid bestaat tussen droom en daad.

 

Si & la - Uitkijk - Het Weekblad De Standaard

 

 


Tussen droom en daad
ben ik op m'n beste.
Op de trappen van vergelijking.

In bed
schrijf ik m'n schoonste schriftuur.
Dewulf verbleekt erbij. Tot een saaie schilder.

Maar wachtend voor het wit,
tikken mijn vingers middelmatig,
wat in mijn hoofd geweldig was.

De ochtend vervult nooit de belofte van de avond.

 


PS.
Een bed dient niet alleen om te schrijven.
Ook niet om te slapen.
Ik heb er vele avonturen beleefd.

Tussen droom en daad.

Zo ging mijn leven voorbij.
Terwijl ik ernaar keek.
En aarzelde.

Later kwam altijd te laat.

 

PS.
En nochtans. Vanop afstand
zullen een pak mannen mij benijden.
Om de kansen die ik kreeg.

Ik mocht niet klagen
van de aandacht. En de ogen
van schone vrouwen.

En Mrs. Jones is nog elke dag even verliefd.

Maar als ik in getallen denk.
En mijn verlangen optel
dan gaapt er een gemis. Tussen droom en daad.

En voel ik mij 'de observator' dus.

 

 

 279379

 

Commentaren

Een middag lang (Michel van der Plas)

Een middag lang naar elkaar liggen kijken
met niets dan liefde aan. Zijn wat je hebt:
stilte die een schouder voor stilte schept,
lippen en handen die adem aanreiken.

Even soms huiveren, niet van gedachten,
maar van verlangen dat zichzelf niet kent:
een kind van aarde. Hebben wat je bent:
trage honger, klein niemandsland van wachten.

Werkelijkheid proeft aarzelend droom:
beiden komen tot nieuw verwisselend leven;
vraagtekens die elkander antwoord geven,
buigende oevers van eenzelfde stroom:
de eeuwigheid tussen ons ingeschoven.
Dat wij dat zijn, het is niet te geloven.

Gepost door: Ingrid | 07-05-16

Reageren op dit commentaar

En...
Dat wij dat zijn, het is niet te geloven.

O, wat mooi
en dat geschreven door een bewoner van het Rijke Roomsche Leven.

Hoe hedendaags kan een dode dichter zijn!?

Gepost door: Uvi | 07-05-16

Uvi,

Je schreef o.a. :

'Een bed dient niet alleen om te schrijven.
Ook niet om te slapen.'

En daarom kan ik nooit in ons bed gaan slapen
als ik alleen ben.
Zonder mijn lief voel ik mij erin verloren...

Ik probeer nu een beetje te rusten
op de grote zetel (die nu ook zo groot en vreemd lijkt...)
en ik lig in de armen van de hemd die hij droeg
voor dat hij in alle spoed, naar de kliniek moest !

Ik hoop dat wij ooit terug samen zullen mogen liggen
in ons liefdesnestje...
Want, zonder hem lijkt het op een doodskist.

Elisabeth

Gepost door: e.de Witte | 09-05-16

Reageren op dit commentaar

ik wens jullie het beste!

Gepost door: Uvi | 09-05-16

Weet het wel, Uvi... bedankt !

Gepost door: e.de Witte | 09-05-16

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.