23-04-16

Uitgesteld geluk

 


Nergens hoor ik de zee zo ruisen
als in de hoge bomen
langs de vijver.
Waar de golven rimpelen over het water.

Een meeuw schrijft zee in de lucht.
En ik adem
haar wit schuimende tranen.
Gezeten op schreeuwende brise-lames.

Des brise-larmes. Des brise-l'âmes.

 

 

 

PS.
Het wordt pas nadien geluk.
Als ik thuisgekomen ben. En het zand
uit mijn schoenen schud.

Dan valt alles op zijn plaats.

De verte en de rust. De kust en het water.
Dat komt en gaat.
Zoals het leven.

 

 

 

Lieu de mémoire

 

Ik hou het meest van de zee
in mijn hoofd. Als ik een meeuw hoor
over land. Of als wind door de radio waait.
In de luisterhaven van m'n oren.

Ik verlang naar de zee. Voor even.
Als ze moe is. En alleen.
Achtergelaten. Als souvenir. Gestrand
op een ansichtkaart.

Dan is de zee van mij.
Beklim ik de tijd. Als een dijk.
Kijk ik uit over de duinen.
Naar de verte van het verlangen.

Daar ligt mijn leven te wachten.
Op mij.

 

278130

De commentaren zijn gesloten.