17-11-17

Dan ga je alleen

Afbeeldingsresultaat voor joan didion

Een vrouw van stokken

Eerst sta je, aan de arm van een ander. Dan ga je, aan de arm van een ander. Dan ga je alleen. Daarna alsmaar verder. Je gaat en de wereld bereikt je. Je wordt groter, en daarna krimp je. Alsmaar kleiner word je. Wat overblijft, zijn vel over knoken. Waar is het keren, denk je achteraf, wat is de kaap?
...
Over de rouw voor haar man schreef Didion de klassieker Het jaar van magisch denken. Daarna werd het achterblijven een thema, zelfs een literair genre, mocht iedereen gaan schrijven over de overleden geliefde.

Dunne en Didion, het was het schrijverskoppel dat elkaars zinnen afmaakte. Haar boek steekt vol John, de documentaire veel minder. ‘Laat de doden de foto’s op de tafel worden’, zegt ze.


Bron: De Standaard der Letteren - 17 november 2017

                                                    °°°

 



Alleen.

Hoe kan je alleen gaan.
Met zoveel rumoer
rond je heen.

Tenzij in afzondering.

Zonder de aanwezige
andere.
Levend of dood.

Zij die zachtjes weggingen.

Uit je gedachten.
Bijna achteloos.
Moeiteloos verdwenen.

Uit je herinneringen.

Tot ze je weer
in de ogen keken.
Een bericht in de krant.

Heden overleden.



 

 

PS.
Van kleuter naar resident. Allebei wankel.
En gepamperd.
Met eigen mening. Maar veronachtzaamd.

Nog niet en niet meer.





mijn kleine hersenen



 12-09-10

 

 

De ogen van mijn vingers



En toch is elke ochtend anders.

Mijn vingers zijn erg belangrijk in m'n leven.
Het zijn mijn filosofen.
M'n schrijvende huisgenoten.

De alledaagse wereld trekt traag
langs het stille raam
van dit in zich gekeerde huis.

Ik zet me aan tafel, blader door wat dichters
en een literaire krant.
De zon of de regen zijn dan meestal
m'n enig gezelschap. En ook de wolken.

Dit langzame landschap is de eentonige studie van mijn ogen.
Mijn archivarissen van licht en donker.
Ze acteren die 'wetenschap' in de notarispraktijk van m'n hoofd.
De heren hersenen notuleren de buitenkant. Van m'n leven.

Ik treuzel wat, lanterfant over deze vlakte
van de ochtend.
En ben benieuwd wat mijn vingers
zien wat ik niet zag.

Ik lees het straks wel. Als ze zwijgen.

 

 

 

 

2017
PS.
Toen de lange houten tafel verhuisd was,
verdween er een ritueel waarvan ik erg hield.
Op de hoek van mijn langdurige tafel lagen twee boeken.
Het dagboek van een dichter (Nolens) en Misschien wisten zij alles (Tellegen).

Ze hebben nadien nooit meer een vaste stek gevonden.
Het werden letterkundige nomaden.
Mijn ochtenden vielen uit mekaar.
Stukken van mijn eenvoudig geluk. Scherven van gebroken handelingen.




336203

16-11-17

de afwijzing & de behendige verliezer

 

‘Ooit vroeg iemand me bij de eerste ontmoeting of ik al eens was afgewezen. Niet om een idee, maar ikzelf, als mens. Wezenlijk afgewezen. Het bleek een vaste vraag bij nieuwe ontmoetingen. Uit het antwoord haalde hij naar eigen zeggen veel essentie. Wie al een afwijzing te boven was gekomen, die lag een half leven voorop, vond hij. En wie er niet bang voor is, of niet meer: een vol.

Zelf was hij succesvol en geliefd. Toch kreeg hij de angst niet afgeschud. Wat hij al niet bedacht had om hem te bezweren. Ongenaakbaarheid was de slechtste strategie gebleken.

WikiHow ziet het juist: de afwijzing is iets om ons in te trainen. Zeker nu elke like te weinig als een afwijzing te veel voelt.

Het is altijd goed behendig te kunnen verliezen in een wedstrijd die je niet winnen kan.

- De Standaard - 15 november 2017

                                                      °°°

 

De behendige verliezer.

Ooit.

Dat klinkt als een sprookje
en lang geleden.

Toen de dieren nog spraken.

En de duimen van mensen
eerder bijkomstig waren.
En niet de graadmeter van vriendschap.

In die tijd dus. In illo tempore.

Leefde ik.
Een jongetje met korte broek.
En veel later. In mijn hoofd.

Want groot was ik al. En een verliezer ook.



 

 

PS.
Ik geraak niet thuis in dat grote Land van Duimen.
Ik blijf er een onbekende Vriend. Dus onbemind.
En door God en Klein Pierke verlaten.

Geen rode hartjes of tranende ogen.

Neen.
Volslagen alleen gelaten.
Afgewezen.

Als een vreemde inwijkeling.

 

 336070

15-11-17

ik

Afbeeldingsresultaat voor leonard nolensInternet - Literatuurplein


      Unster

Bezat je nu maar een balans,
bij voorkeur zo'n fijne Romeinse,
om koudweg je ziel te gaan wegen van top
tot teen, totaal, je doden bijeen
in die op- en neergaande dans

van zo'n balans, de twistende sterfdag
van vader, en later, het doofstomme ziekbed
van moeder, de as van broer Paul
die je schoenen bestuift en de last
van je krimpende kennissenkring, de barst

in het hart van je vriendschap met Frans,
bezat je nu maar zo'n balans -
je blijft op je zestigste blind als de helder
ziende, voortdurend verspringende naald
van geen enkel, geen telbaar getal.

Leonard Nolens


Leonard Nolens,Balans, Querido, 56 p., 16,99 euro.

 De betekenis van 'ik' zeggen

Poëzie. Een nieuwe bundel van een van de belangrijkste Nederlandstalige dichters van deze tijd.
Leonard Nolens zet zijn zoektocht naar identiteit voort in Balans.
Paul Demets - Bron:   De Morgen - 15 november 2017

 

                                           °°°

 

IK

wie ken ik beter
dan de man die dit tikt
een vreemde
met woorden bekleed

in dit huis

waar hij over trappen reist
naar zijn verleden
dat niet wil terugkeren
naar waar het ontstond

hier zoekt hij

naar dichters
die zijn blinde onmacht beschreven
zijn toekomst verzekeren
in zinnen

die nog even uitrusten van zijn ondraaglijk lichte leven.

 

 

 

PS.
Altijd keer je weer.
Naar jezelf.
Alleen of met twee.

De ochtend wordt voor je wakker.
De avond gaat met je slapen.
Daartussenin
soms een mens. Een vrouw. Een geliefde.

Maar meestal
je eigen vreemde ik.
Die je nog elke dag tracht te vertalen.

 

 

335932

 

 

14-11-17

De verzameling van het afwezige

 

09-01-11

 

 

De verzameling van het afwezige

 



Waar bewaren we wat we overhouden
aan leegte. Aan stilte. Aan afwezigheid.
Dat wat er niet is.

Hoeveel kunnen we daarvan verzamelen?
De sneeuw die weg is. De zon die onderging.
Een mens die uit het leven stapte.

En waar beschutten we dat ontbrekende?
Tegen overvloed. Tegen consumptie.
Tegen vergetelheid.

Hoeveel gemis kan er in verlangen?

 

 

 

 

 

 

PS.
In het Land van de kleine goden groeien vele meningen.
Zij grossieren in Waarheid.
Hun onfeilbare en onaantastbare waarheid.

De Media hebben een grotere megafoon.
Zij trompetteren dus nog luider
dan het kleine grut.

Waar kan ik me verstoppen voor zoveel overlast?


335804

 

 

13-11-17

vluchten kan niet meer

 

04-12-10

 

 

Voorschrift

 

 
Alsof je een vlinder of een sneeuwvlok
wilt vangen met hulpeloze handen.
Zo voorzichtig
moet je een gedicht lezen.

Alsof je het reeds breekt
met de wimpers van je ogen.
Zo kwetsbaar moet je
jouw oor over de verzen leggen.

Want soms vlucht het reeds
bij het openen van de woorden.

 

°°°

 

 

 

PS.
Wie durft er nog een krant openslaan.
Naar de tv kijken.
De radio aanzetten.

Je moet veel eelt op je ziel gekweekt hebben
om dat risico
nog te durven lopen.

Helaas, vluchten kan niet meer...




https://www.youtube.com/watch?v=DS5VXZ9mtME

 

335625

 

12-11-17

een brief

 

Elke brief die ik ontvang, wekt bij mij een gulzig verlangen: openratsen die envelop!
(zo jammer dat die specifieke sensatie van ‘verwachting’ is verdwenen; nu gaan alleen rekeningen en de Belastingdienst nog schuil in een papieren envelop).

Een brief- of mailwisseling is van een heel andere dynamiek dan een gesprek in een café. Voor sommige schrijvers is het het warmdraaien voor het échte werk. Een goede correspondentie moet voor mij ook altijd een onderhuidse spanning hebben, een geheim vuurtje dat me opstookt. En als dat vuurtje wederzijds is, levert het bij de een poëtische, filosofische, bij de ander politieke of anekdotische en grappige, bij een derde liefdevolle, aandachtige brieven op. Misschien zijn het wel twee monologen en schrijven we elkaar steeds een pagina uit het boek dat ieder van ons in zich draagt, maar dat nooit af komt.

Bron: bron Trouw
Heerlijk, een brief van Herman Koch!  Wie corresponderen er tegenwoordig nog met elkaar?
Schrijvers Herman Koch en Wanda Reisel schreven elkaar jarenlang soms intieme brieven die nu zijn gebundeld.
Een gedeeld verleden op papier. - Wanda Reisel

                                                            °°°

 

Misschien moet je wel oud zijn en jaren
op een internaat versleten hebben.
Om dan te begrijpen wat een brief is.

Zelfs het zicht van de envelop was een blauw plekje aan de bewolkte hemel.

Het papier was de geur van het nest
waaruit men je had weggerukt.
De veilige warmte van je bed thuis.

En de aandacht en zorg van je moeder.

Iemand die luisterde.
Als je van school kwam.
Je schaafwonden uitwaste met rood.

Zo dat het pikte van pijnlijk genot.

Een brief was geen niemendalletje.
Hij vroeg tijd en inspanning.Je ging er voor zitten.
Het krassen van je kroontjespen. Sabbelen op het hout.

Het puntje van je tong uit je mond steken.

Zodat je beter kon nadenken.
Moeizaam. En ernstig.
Zoals Dinska Bronska.

Hem vullen met blauwe vingers. Heimwee en verlangen.



PS.
Ik heb het dan wel over de internaten van vlak na de oorlog.
Waar je voor twee of drie maanden vastzat.
Brieven niet dicht gelikt naar de censuur moesten.
En open gescheurd en nagekeken werden bij ontvangst.

Erger dan Leuven Centraal. Geen toilet op het alkoof. Maar absolute stilte.
Televisie en andere elektronische gadgets moesten nog uitgevonden worden.



 

 

©Trouw/RV

 

 335554

11-11-17

Toen is altijd anders

 

17-12-10

 

 

 

Dit trage land

 


Niet het wit op late wegen,
maar de tijd in dit huis.
Hoe stilte
over trappen schuifelt.

Onder een luifel van allenigheid.
Die luistert
naar het vallen van de avond.
Geruisloos gebed van desolate twijfel.

Het herinrichten
van herinneringen. Uit de slaap
van het verleden.
De volmaakte tijd.

Hoe alles was geweest wat nooit begonnen was.

 

 

 

 

 

 

PS.
Terwijl het regent in het nu, ligt er sneeuw in vroeger.
Tijd en woorden
worden gevangen door een datum.

Toen is altijd anders.

 

10-11-17

Tendresse

 

21-12-10

 

 

 

Tendresse

 


Hoe ik haar geur opschrijf
in deze witte woorden.
Een poederdoos van sneeuw.

Haar rode lippen pluk
als winterrozen.
In een tuin van oud verlangen.

Hoe zij mij in haar ogen
meeneemt. Tot aan haar
vroegste uren.

   En mij dan vindt. Als een verloren gemis.

 

 

 

 

335379

07-11-17

Hoe gaat het met de liefde?

oscar van den boogaard

Hoe gaat het met de liefde?

De vraag die ik het liefst stel is hoe het met de liefde is. Ik deed dat als kind al. Daarom zat ik in de pauzes vaak in de lerarenkamer. Want kinderen praten niet over de liefde. Meestal spraken de leraren over mislukkingen in de liefde. Hoe kan de liefde mislukken als het zo iets moois is, vroeg ik me af.

In zuidelijke landen kun je aan iedereen vragen hoe het met de liefde is. Je krijgt een eerlijk antwoord. In Brazilië kun je zelfs aan de taxichauffeur vragen hoe het met de ziel is, of met het hart. Ook dan krijg je een geïnspireerd antwoord. Maar bij ons willen de mensen de liefde voor zichzelf houden. Alsof liefde iets heel exclusiefs is en helemaal niet van iedereen. Over een ziel en een hart doen ze lacherig.

Gisteren liep ze voorbij mijn terras. Mooi en excentriek als altijd. Ik vroeg haar hoe het ging met de liefde en ze zei: ik word nog steeds graag gezien.

Ik herinner me haar huwelijksfeest met de man van wie ze inmiddels gescheiden is. Op mijn vraag wat ze in hem liefhad, had ze me toen geantwoord: hij ziet me zo graag.

Ik vroeg me af: zie je hém graag? Aan die vraag kwam ze niet eens toe. Ze is als een glanzende sculptuur van Jeff Koons. Ze spiegelt de verlangens van anderen maar van ­binnen is ze koud en leeg.

Toen haar man na vijf jaar huwelijk een vriendin bleek te hebben, concludeerde ze dat hij haar niet graag meer zag en toen heeft ze de scheiding aangevraagd. Aan de vraag of ze hem lief had, is ze nooit toegekomen.

Zij zag hem als een slechte investering, eigenlijk was hij een gebruiksvoorwerp voor haar. Hij moest haar lief­hebben. Toen de batterij op was heeft ze hem weggegooid.

Terwijl ze zich door mij liet bewonderen (daar ben ik goed in) stelde ze mij geen vragen. Dat is typisch aan wie zij is. Ze wil bekeken worden. Haar leven is een catwalk. Ze probeert te be­koren. Ze vertelt haar verhalen. Ze heeft geen interesse in ­anderen. Hoe zou ze ooit tot liefhebben in staat zijn?

Er kwam een oude studievriend voorbij mijn tafeltje. Hij had net met veel bravoure zijn Porsche voor het terras ge­parkeerd. Ik vroeg: hoe is het met de liefde? Hij zei: ze eten uit mijn hand. Hij bedoelt de wijven. Zijn methode: macht en rijkdom verzamelen.

Hij ziet alle vrouwen als één vrouw. Ze wordt nooit een dag ouder. De laatste tijd wordt ze zelfs jonger. Het liefst zou hij ze één naam geven. Zo hoeft hij nooit van iemand afscheid te nemen. Het is misschien een cliché maar het is wel hoe hij in wezen is. Ook hij stelde mij geen vragen. Hij heeft geen interesse in anderen. Hij is het centrum van de kosmos. Hoe zou hij ooit tot liefhebben in staat kunnen zijn?

Wat toen gebeurde was bijna te voorspellen. Hij gaf mijn vriendin die nog steeds voor mijn tafeltje stond aandacht (hij wierp haar een geile blik toe) en zij begon te tintelen. Je weet al hoe het verhaal verder gaat. Zodra ze elkaar geven wat ze nodig hebben, zijn de twee narcisten verliefd.

Het is als twee exhibitionisten tegenover elkaar in de trein. De een doet zijn jas open en laat zich bewonderen, maar dan doet de ander zijn jas open en laat zich bewonderen. Ze zijn geen van beiden in de ander geïnteresseerd, maar ze krijgen allebei wat ze nodig hebben. Als de trein aankomt, doen ze hun jas dicht en is het gedaan.

De meeste mensen stellen zichzelf de vraag hoe ze erin ­zullen slagen bemind te worden, in plaats van hoe ze het ­vermogen tot liefhebben kunnen verwerven.

Ik weet niet precies wat liefde is, maar wat ik wel weet, is dat het geen kwestie van nemen is. Het is daarom dat je in staat bent lief te hebben. Het is er altijd omdat je aandacht kunt geven, verwondering kunt voelen, het mooie in de ander kunt zien. En een liefdesrelatie? Het is een werkplaats, hard werken. Het is een atelier, pure creatie. Liefde is een kunst waarin je je kunt bekwamen.

Oscar van den Boogaard is schrijver. Zijn column verschijnt tweewekelijks op dinsdag.

 Beste lezer,
 
ik steel dit stukje integraal van De Standaard.
Voor jou.

Terzelfdertijd beschouw ik het als reclame voor de krant.
En de schrijver.


Misschien abonneert er zich wel iemand.
Of koopt een aangeraakte amateur een boek van Oscar.

Mijn diefstal is dus puur altruïstisch.

Voor iedereen en alleman.
Behalve voor mij.
Ik las immers de column al.

Dank u, Oscar van den Boogaard, voor dit stukje confronterende Schoonheid.
 
 
 
 

haast niemand weet dat ik besta...

 

‘Op mijn familie na weet haast niemand dat ik besta’, zegt ze.
‘Wel dat ik besta, maar niet dat ik nut heb. Of dat er een reden is dat ik er ben. Ik weet zelf ook niet zo goed wat ik hier op aarde kom doen. Ik hoopte dat er iemand zou zijn die het kwam zeggen.’

Dat gevoel van isolement en onzichtbaarheid wordt nog versterkt door de verschillende vormen van afscheid waarvan de bundel doordrongen is.
...
Hoe ontevreden ze ook is over haar uiterlijk, diep vanbinnen is ze een prinses:


‘Ik dacht dat ik zou groeien
in een ander. Misschien
werd ik wel met grote borsten

aan of kreeg een staart
met vin. Helaas kon ik alleen
maar worden wie ik ben.

Stil. Niemand ziet aan
mij wat ik verberg: onder mijn matras de erwt.’

Ted van Lieshout
Onder mijn matras de erwt. Gedichten en portretten. Een erwt voor de prinses -
In Onder mijn matras de erwt gaan woord en beeld een mooie wisselwerking aan. - Kinderpoëzie van de bovenste plank. 

                                                        °°°


Neen, ik heb nooit gehoopt iemand te worden
met grote borsten.
Die kon ik wel van iemand anders lenen. Later.

Als jongetje had ik andere zorgen.

Of mijn neus niet te uitstekend was
en vooral of dat andere uitsteeksel niet te minuscuul was.
Voor later als ik groot zou zijn.

Ach, het was altijd wel wat.

Maar niemand zag
wat ik verborg
onder mijn stoere woorden.

Zoveel wat er niet was.






PS.
Het gaat nooit over. Het gaat niet voorbij.
De twijfel en de angst.
Niemand die mij ziet.

Zelfs ikzelf vergeet al eens te kijken.

En dan tracht je met al je beschikbare middelen
je zichtbaar te maken. Kijk naar mij...
In woord en beeld. Duimen en harten op Facebook.

Maar haast niemand weet dat ik besta...






met een grote L

 

 

 

https://www.youtube.com/watch?v=AVjRuM7Rong&feature=y...

 
www.youtube.com
Abraham Twerski explains the meaning of true love. Young man why are you eating that fish? You man says: "Because I love fish" He says, Oh you love the ...

 

 https://www.youtube.com/watch?v=YNx7kDJ2kDI

 

Juist en jawel. Maar niets nieuw onder de zon.

De enige echte liefde is die met een L.
Maar ja...
ook die is niet helemaal zonder vis...

 

mooie visdag nog!

 

335065

 

05-11-17

de kus - beeld en verbeelding

‘Le baiser de l’Hôtel de ville’: een man en een vrouw doen de woelige wereld even stilstaan.  Robert Doisneau
Retrospectieve Robert Doisneau, Museum van Elsene, tot 4/2

 

 

 


Het alledaagse.
Dat eeuwige zelfde.
Die gevaarlijke herhaling.

Van het ritueel dat zijn glans verliest.

Onder het stof van de routine.
Terwijl het nog elke dag
een wonder is.

Zoals ademen.

Niet de Schoonheid verandert.
Maar het oog.
Dat achteloos wordt. Zijn argeloosheid verliest.

Het jongetje.



                   °°°





PS.
"Niets meemaken in je leven. Dat is het schoonste." - A.L. Snijders

 
...

‘Le baiser de l’Hôtel de ville’, de foto van het kussende koppel omringd door toevallige passanten in Parijs. Robert Doisneau maakte ze in 1950 voor Time. Toen een uitgever in de ­jaren 80 op zoek was naar foto’s die het goed zouden doen als poster, diepte Doisneau deze kus op uit een oude doos – het had net zo goed een andere foto kunnen zijn.
Bijna een half miljoen posters werden ervan gedrukt, en die kwamen wereldwijd in de huis- en slaapkamers van romantische zielen terecht. Het werd een vertrouwd beeld. Een beeld dat deed dromen van de liefde die toch bestond. De man en vrouw die de woelige wereld rondom hen even ­deden stilstaan met een passionele kus, kon het aanstekelijker?
Naarmate de foto bekender werd en de icoonstatus ervan groeide, brokkelde ook die romantische illusie een beetje af. De scène bleek ­minder spontaan dan ze leek. De ­fotograaf had Françoise Bornet en Jacques Carteaud, een koppel theaterstudenten, laten poseren en hen elk vijfhonderd Franse frank ge­geven.
...
Fotojournalistiek was niet zo zijn ding. Met zijn foto’s zware maatschappelijke kwesties aanklagen evenmin. Daar kan je kritiek op hebben, of dat kan je gewoon verfrissend vinden. De schoonheid van het alledaagse is zijn hele leven een belangrijke inspiratiebron geweest.

Bron: De Standaard -

 

 334880

04-11-17

De hoofse liefde

 Afbeeldingsresultaat voor man achter venster rusthuis

Internet - Moment - stad Tongeren - Coverbeeld evenement

 

 

 

31-12-10

 

 


Is de liefde een antwoord
of een ondergedoken vraag?

En rijdt de poëzie te paard
als een hoofse ridder?

Of zondert zij zich af
als een preutse freule?

De hofnar kent de waarheid.
Hij lacht.

 

                                                              
                                                               °°°

 

 

PS.
Hier op deze stille plek, herhaal ik nu al een tijd mezelf.
Ik schep me uit de verleden tijd, zoals een jongetje water met een emmertje.
Uit een zee van tijd.

Voor later.

Als ik dit huis heb verlaten. Mijn geliefde. Mijn stenen bruid.
Losgerukt word
uit haar armen. Met ziel en hart.

Om dan ergens achter een raam te wachten. Tot de tijd voorbij gaat.

PS.
Ik dacht een foto te plaatsen van een man achter een raam.
Die wacht op het einde. Van de dag. Of het leven.
Googelde en vond dit krachtige beeld.

Deze man bestrijdt de tijd. Als een weke krijger.





 

 

334724

03-11-17

Signatuur

 

 


29-11-10




Afbeeldingsresultaat voor aangevroren venster

 

 

 

Signatuur


Zij wasemde zijn naam
op het venster
ijsbloemen geschreven op helder glas

en ijzig tijdelijk
alsof het alleen maar winter was
in haar handen

nu hij uitgeademd was.

 

 

 

 

02-11-17

Bladwit

22-11-10

 

 

Blad wit



En soms
schraap je de stilte
tot aan de ascese van wit.

Het vermoeden,
gestut door behoedzame twijfel,
schrappen tot aan de aarzeling.

Het ingekaderd zwijgen.

 

 

 

 

 

 

 

PS.
Soms ga je tot op het bot.
Het botte zwijgen.
Sterker dan het woord.

Onbarmhartig stil.

Zodat de kleinste ruimte op een bank
met twee,

grensoverschrijdend gewelddadig wordt.









334506

 

01-11-17

scripta manent

 

 Afbeeldingsresultaat voor grafzerk herman de coninck
Foto van internet - Zichtbaar alleen

 

 

Moge een dichter
wat woorden vinden
om mij toe te vertrouwen

aan een herinnering

want arduin lijkt mij
te zacht voor de eeuwigheid
en een graf

onverstaanbaar leeg.

 

 

 

 

PS.
Beter.

Hoewel de comparatief misschien wel een discriminerend woord is,
hou ik er vandaag van.
Vooral nu hij over mijn gezondheid gaat. Ook als hij zich tot het weer richt,
ben ik 'm welgezind.

Ik voel niet meteen de warmte van koorts. Het is alsof de mist opgetrokken is.
Tijd voor de verrijzenis.
Deze dag is daarvoor geschikt. Allerheiligen.


A perfect day.

Om weer te verrijzen. Uit de lakens. De lucht is frêle blauw.
Vliegtuigen tekenen efemere lijnen tegen de hemel.
De koffie smaakt, de speculoos ook.

Het is weer Feest.


Nu nog mijn flanellen benen trainen. Voor enkele stappen. Buiten.
Extra muros.
Op de duur worden mijn muren, zeurende buren.


Sedert zaterdagochtend, geen stap meer buiten gezet.
Ik wil lucht voelen. Mijn longen reutelen.

Of mijn verbeterde toestand blijft duren
of zoals een foute soufflé in mekaar zakt, dat weet ik pas straks.
Als mijn baard eraf gaat. En de tuindeur open.


Vergeet de doden niet. Maar denk vooral aan de levenden.
De Zielen zijn voor morgen.
Die hebben nog wat tijd.

 

 

 334351

 

29-10-17

het kader

 

Afbeeldingsresultaat voor Sandor Marai kentering van een huwelijk

 

 

 

De kijker is de gevangene van het kader.

Hij is de cipier die je blik beknot.
De ruimte verkavelt.
En de tijd bevriest.

Je leest niet wat er staat. Er is meer dan je ziet.

 

 

foto van Dirk Vandeweghe.

 Foto - Brassaï - Couple d'amoureux dans un petit café parisien - 1932

 

 

 

 

 

28-10-17

la grande passion

  Afbeeldingsresultaat voor Sandor Marai kentering van een huwelijk

 

foto van Dirk Vandeweghe.

 Foto - Brassaï - Couple d'amoureux dans un petit café parisien - 1932

 

 

Passie.

De taal van 'het zinnelijke'.
Het spanningsveld tussen man en vrouw.
Dat ontstaat door een blik. Meervoud.

Waarin het woord zwijgt,
maar aantrekkingskracht de taal is.

Dit virtuoze zwijgen. Van verleiden.

Een ogenblik. En passant. De syllabe van een blik.
Terwijl je mekaar passeert. Sommigen spreken deze taal,
losjes en onbelemmerd.
Met hart en ziel.

Maar vooral met hun lichaam.

Lichaamstaal.
Het zinnelijk alphabet.

Van de bekoring.

 

 

 

PS.
In LGL zie je de pure verbale passie.
Voor mij is het daar echter meer hinkelen en stamelen

dan dansen.

 

https://www.youtube.com/watch?v=BrCBd9M01r8

 
 
www.youtube.com
Bernard Pivot nous présente "Au secours, les mots m'ont mangé" (Editions Alary), texte du spectacle qu'il joue au théâtre du Rond-Point.

 

 

Het parfum van Proust


Internet

 

 

25-10-10

 



Alleen woorden halen haar in.
Met de snelheid
van mijn verbeelding.

Zij geraakt niet los
uit haar achtergelaten geur.
Een traag verhaal

dat nog tussen de lakens ligt.

 

 

 

333990

 

27-10-17

De onverbiddelijke lezer

Afbeeldingsresultaat voor la liseuse

Canal Dandylan - "Si je devais choisir entre un livre et une liseuse, je préfère de beaucoup la liseuse..."

 

28-10-10

 

De onverbiddelijke lezer


Hij neemt je. Of laat je liggen.
Slaat je open.
Of klapt je dicht.

Hij is de wind die ongehinderd
door je weemoed ritselt.
Alsof hij over dode bladeren trapt.

En de dichter
ligt uitgeteld of uitgelezen
in zijn onverbiddelijke handen.

Weerloos. Alsof hij van papier was.

 

 

 

 

 

333907

 

26-10-17

En toen vertrok ze

 

 

 

21-01-10

 

En bij het bladeren tussen de jaren
vond ze nog een glimlach
op de vensterbank nabij de sanseveria's

toen ze door de vroege ruiten
hem, een jongen nog, zag kersen plukken
en ze als een rode ruiker

aan haar oren hing.

Zou de warmte
tussen de deuren nu nog dezelfde zijn
de geuren en het licht

of zit er in de kieren
een geheugen dat de scheuren
lijmt tot een nieuwe mozaïek

een trompe-l'oeil?
 

 

 

 

PS. Voor Marius & Chrisje die gisteren van hem wegging.

 

 

 

 

de dichter is een stuwadoor

Afbeeldingsresultaat voor wolken
Internet

 

 

Zou dat mijn definitie zijn: een stouwer of stuwadoor?

Iemand die een zin volstouwt. Deskundig of niet volpropt.
Met of zonder betekenis.
Het zou een dichter kunnen zijn.

Het wit als inpakmateriaal.
Licht en luchtig.
Om het breekbare te beschermen.

Tegen wat er (niet) staat. Of te opzichtig.

De schrijver staat of valt
met de lezer.
Zijn smaak en goesting.

Zijn liefde of aversie.
Voor het geschreven woord.
Dat hij koestert of verafschuwt.

Waarin hij graaft of dat hij toedekt.




PS.
Geef mij een woord en ik begin te spelen.
Nooit interesse gevoeld voor een Meccano.
Te technisch voor een onhandig jongetje.

Dat niet verder geraakte dan dromen. En naar de wolken kijken.
Niet verwonderlijk
dat het leven dan moeilijk wordt.

En de dagen ingewikkeld om ze in elkaar te knutselen.

 

 

 

 

25-10-17

Over het verkreukelde water

 

 

25-01-10


Over het verkreukelde water

 


De krant ligt in bed. En ik naast haar.
De letters vallen niet op de lakens.
Ze blijven bevroren op dat witte water.

Mijn ogen lijken bootjes van papier.
En ik een lichtmatroos van plezier.

 




De duif en de dichter



30-01-10

  

 

Pleidooi voor een ascetische laudatio.

Ik heb een grote doch stille bewondering voor duiven.
Ze zijn de meest kritische lezers die ik ken.
Zelfs op het gekroonde hoofd van Elsschot laten ze hun heldere visie achter.
Ik zag het met m'n eigen ogen op het Mechelseplein in A'.

Laten wij deze Columbidae als (verp)lichtend voorbeeld nemen  bij het schrijven van onze ingetoomde laudatio's.


Poëzie.
Laat dit duidelijk zijn: ik weet niet wat poëzie is.
Kan er derhalve geen definitie voor geven.
Gemakkelijkheidshalve zou ik willen vertrekken van een stelling uit het ongerijmde:
dat alles (behalve de tijdstabellen van de NMBS) valt onder de noemer 'Poëzie'.

Zelfs de gekende kinderversjes, zoals daar zijn:
Ik kan rijmen en dichten
zonder mijn gat op te lichten.


Indien u, beste lezer, niet akkoord kan gaan met deze hypothese dan zal het aan u zijn om de criteria, de ijkpunten en de dogma's neer te schrijven. Zodat niet ik, maar u zichzelf promoveert tot docent en recensent. En als autoriteit het kaf van het koren kan en mag scheiden.

Maar
ik smeek en bid u dat te doen in een sober taalgebruik.
Verhef niet iedere 'dichter' tot een monument in de literatuurgeschiedenis vooraleer zijn oeuvre, de tijd en de kritiek van de duiven heeft doorstaan.

Dàn pas,
als u ouder bent dan de tijd en deskundiger dan een duif,
zal ik uw convictie en jurering als het laatste oordeel beschouwen. En aanvaarden.

Vooraleer het zover is
verzoek ik u met milde strengheid
elke aandrang tot een superlatieve laudatio te bedwingen of te temperen tot een bruisend compliment.

De banken hebben ons geld ontwaard, laten wij tenminste het woord niet devalueren.

                                                         ***


Het fragiele bestaan van een 'traan'.

Ik heb het moeilijk met de 'fijne luyden' die per se
ook de ontroering in kaart willen brengen.
En er impliciet een quotering en klassement voor aanleggen. De schismatieke schuifjes.

Zo worden tranen geplengd bij een levenslied à la Hazes,
ondergebracht bij het volkse vermaak en verdriet.
Gequoteerd als 'proletarisch' en dus zonder enige considerans voor een kunstzinnig bestaan.

De 'chique traan' daarentegen, die zichzelf respecteert, bedwingt zich.
En weerspiegelt de wiskundige adoratie in de aristocratische ooghoeken  van een pluchen dame,
bij de vertolking ener 'integrale' van de rekenkundige Bach.


Beste lezer,
als ik duidelijk ben, wat ik ten sterkste betwijfel,
dan zal u merken en notuleren dat ik 'lijd' onder
zowel de simplistische aanpak als de elitaire benadering van poëzie.

Ik word ontroerd door de natuur, de muziek en een vrouw,
het woord in een stem of een gedicht, ... maar ontroering, zeggen de poëtische profeten,
heeft niets met poëzie te maken.

Wil u dus noteren:
ik ben een volslagen incompetente leek, ben geen dichter, noch een zanger.
Ik heb u bijgevolg niets op te leggen of te verbieden.

Maar sta me toe u te smeken ...
omdat ik, simpele civiele beschermer, tot aan mijn laatste punt,
de onschuld van mijn geliefde 'de Taal' zal trachten te bewaren.

 

Pauvre Pierrot pour son amour Columbine

                    
                        °°°


Naar aanleiding van Gedichtendag 2010,  schreef Charles Ducal een essay:

'Alle poëzie dateert van vandaag'.
Ook al wordt u er niet vrolijk van, misschien toch maar lezen. Te koop voor 2,5 €.
 

 


Toelichting:
Op 'Verhalensite' worden jonge dichters geregeld geornamenteerd als Vondel of Gezelle.
Sta me toe m'n verdriet over deze baldadigheden, hic et nunc, te uiten.


PS.
Voor het overige
wil ik een toegeving en toevoeging doen wat betreft de tijdstabellen van de NMBS, wanneer de treinen rijden richting:
Blankenberge, Oostduinkerke, Scheldewindeke, Godsheide, Zottegem, Lichtervelde, en dies meer ...

 

 

333650

23-10-17

Aubade

foto van Laurent Œdipe.

Laurent Oedipe

 

 

 

 La dentellière

 

Niet
achteloos of argeloos
gleed het lint van mijn schouder

je blik
ontrafelde mijn verlangen
tot het epicentrum

voor jouw gemis

kom laten wij
elkaars
leegte vullen

met een perpetuum mobile.

 

 

 

 333436

18-10-17

Elle

 

 

Toeval brengt de mensen samen;
een goede reden haalt ze weer uiteen!

Uit: Flessenpost - Dimitri Verhulst

 

 

 

Elle


Eeuwen hield ik haar verborgen
in mijn hoofd, liet ik haar driemasters varen
als zeilende meeuwen

en legde ik mij neer breed
als een strand waarop zij kon ademen
en rusten van al dat gaan en komen

zij schreef haar naam
tussen mijn tenen
met aangespoeld gemis

en schreeuwde oorverdovend
opdat ik haar zou lezen
en wie ze was.

Voor we uit elkander dreven.

 

 

 

 

332933

17-10-17

Amen

Afbeeldingsresultaat voor kringelende rook

Radio 1





Wij vertellen elkaar verder aan de vogels

en zwijgen voorts geheel bevlogen.
Het is al moeilijk genoeg
dit zelf te geloven
dat jij en ik
elkaar hebben gevonden in dit ogenblik,
dat wij elkaars bestaan mogen bedenken
en dat dit ruim volstaat.
In deze afwezigheid zijn wij volmaakt.

Uit: Flessenpost
Stoppen met roken in 87 gedichten
Dimitri Verhulst

 

                                                      °°°

 

Onze huid is van papier,
jij ademt ginder
en ik hier.

Tussen de trage plooien
van de tijd
haasten wij ons naar mekaar.

Het is de stilte die ons draagt.
De verte
van ons zwijgen.

Verder dan dit alphabet kunnen wij niet verdwijnen.

 

 

 

PS.
Hoe een gedicht een plek wordt.
Een samenscholing van woorden.
En huis om in te wonen.



332797

16-10-17

woord en beeld

 

 

 The pillow door Berlinde de Bruyckere, 2010 - Weekblad De Standaard - 14 oktober 2017

 

                                               °°°

 

Mijn woorden worden traagzaam wakker. Ze zoeken beelden.
Om zich aan te kleden.
Ze gelijken op mensen.

Onzeker en angstig. Trefzeker voor anderen.

Verkleed met de huid van een mild masker.
Over straten en pleinen.
Een beeld dat zich creëert. In de verbeelding.

Van de andere. Die je soeverein schept tot wie je bent.


 

 

PS.
Het wordt weer zomer. En de dag zal zich genadig vullen.
Met voetstappen. Bomen en water.
Vallende bladeren en rimpelingen.

Ontbijt en brunch. Samen. Als de anderen ons genadig zijn.
O, ja en verse lakens.
Dat heerlijke hotelgevoel.

 

 332706

15-10-17

de grens van het verlangen

...
Ons ingeboren verlangen naar de ander kan leiden naar de hemel en naar de hel. Talloos zijn de levens, de huwelijken, zelfs de vriendschappen waarin het verlangen naar de ander ons vernietigt.

Maar de grondtoon in mijn verlangen naar de ander is toch de onkenbaarheid van de ander. Nooit zal ik de vriend, de vrouw, niet eens mijn bloedeigen kind werkelijk ‘kennen’, laat staan dat ik er ooit mee zal samenvallen.

Zoals gezegd, ik beleef dat als zowat het meest bestendige verlangen in de dagen. Het uit zich even geestelijk als lichamelijk. Elke omarming is in gedachten een vereniging, maar in de armen zelf een mooie, moedige of armoedige poging. Toch beschouw ik het niet als een tragische kwestie.

Het zou, alweer, geen leven zijn.

Meer zelfs, met de jaren heb ik er de genade en de schoonheid van ingezien. Heb ik allengs begrepen dat net daarin, in die eeuwige nadering, ons menselijkste onvermogen en onze uiterste samenkomst schuilen. Dat de ander een grens is waarlangs wij verlangen naar de overgang, die nooit zal plaatsvinden. Altijd, tussen alles en iedereen, gaapt een niemandsland.
...
Het lijkt me de even uitzichtloze als natuurlijke beweging die elk wezenlijk verlangen bezielt. Wij komen nooit verder dan onszelf, terwijl net wijzelf niets liever zouden willen. Niet omdat we dat per se zelf willen, maar omdat we gewild worden.

Na die vaststelling rijst de onontkoombare vraag: hoe wordt er naar mij verlangd? Anders gezegd, in welke mate ben ik zelf het voorwerp van al dat verlangen dat ik belijd jegens de ander? Hoe word ik als doel van andermans verlangen, begeerte of hoop beschouwd?

Het is geen onbelangrijke vraag. Ze kan genadeloos zijn.

Niet alleen is ze een romantische verzuchting naar de wederkerigheid van het verlangen. Dat is een bekend thema in de hoofse minne- en andere lyriek. Of in menige hedendaagse ballad.

Vooral keert ze de beweging om. Het verlangen dat als een boemerang terugkomt. Wie begeert, wil zelf ook begeerd worden – of niet? Wie zelf verlangt, zal het zich toch ooit weleens afvragen: hoe en hoezeer word ik zelf verlangd?
...
En al even natuurlijk, zo heb ik het met de jaren leren aanvaarden, word ik niet begeerd wanneer ik dat wel zou willen. Zowel uit de verte als van nabij.

Concreter: verlangen de borsten naar mijn handen zoals mijn handen naar hen? Of ben ik meer verlanger dan verlangde? Meer zender dan ontvanger? Meer begerend dan begeerd? Dat geschil is zo oud als de straat. Het is de weerloosheid die elk verlangen noodzakelijk in zich draagt.

Onvermijdelijk wordt de ene mens meer ‘aangeraakt door begeerte’ dan de andere, in de breedste zin van dat woord. En ikzelf adem nu eenmaal vooral aan de kant van de begeerders. Dat heeft voor- en nadelen.

Wie hoopt dat zijn verlangen als in een spiegel vanzelf teruggekaatst wordt, staat weleens voor een lege spiegel.
En daar ontstaat een nieuw verlangen, misschien wel het vreemdste van alle. Het kan even afgrondelijk als vluchtig zijn: het verlangen naar onszelf.

Uit het: Het wankele evenwicht van het verlangen - Essay van Bernard Dewulf
De Standaard - Het weekblad - 14 oktober 2017

                                                                   

                                                                     °°°


 

 Het verloren verlangen

Zal ik haar neerschrijven
als een dwarrelende vlok
of als een dartele gedachte

zal ik haar taille omcirkelen
met de accuratesse
van een landmeter
die zijn verlangen afstapt

of ben ik een biddende sperwer
boven het gemis
en de breedte van haar hunkering

terwijl ik me verlies in de vertwijfeling.

 

 

Lacan zegt over de mens en zijn verlangen:
"le désir de l'homme, c'est le désir de l'autre. "


Vrij vertaald:
"de mens verlangt verlangd te worden door de andere'.
Gehoord in 'Het voordeel van de twijfel'.

 

 

 

PS.
Moe word ik van dat verlangen. Wanneer stopt dat eindelijk eens.
Ik vrees enkel aan de rand van dat gat of
wanneer ik een stofje word dat nog even dwarrelt boven het gras.


In mijn dromen word ik (bijna) elke nacht geconfronteerd met mijn machteloosheid.
Mijn (bijna) voorbije leven. Had het enige zin?


332606

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende